Since almost four years now I have been living in The Philippines. 'It's more fun in the Philippines' says the much used tourism slogan. In many regards that is absolutely true. Daily reality has more nuances. I changed the title of my blog from 'Thoughts and Musings' into 'Mail from Manila'. From now on I will try to shed some light on situations and events here in the Philippines and -whenever I can't help myself- in other places on our globe.
Showing posts with label wetenschap. Show all posts
Showing posts with label wetenschap. Show all posts
Wednesday, 27 June 2012
Diederik, Don en Dirk
Wetenschappers zijn bijzondere mensen. Sommige heten zelfs professor. Het zijn mensen die heel veel van heel weinig weten. Zoveel, dat ze menigeen van dat beetje alles wijs denken te kunnen maken. Wetenschappers moeten onderzoeken en publiceren. Naam maken. Hun onderzoeken moeten transparant zijn. Dat wil zeggen dat andere wetenschappers het onderzoek na moeten kunnen doen en als die dan tot dezelfde uitkomsten komen is de uitkomst van het onderzoek waar. Als je bijvoorbeeld veronderstelt dat mensen die aan de dood denken meer snoepen of wil weten wat de invloed van de kleuren rood en blauw op menselijk gedrag zijn, dan onderzoek je dat. Vaak is de maatschappelijke relevantie van dergelijk onderzoek ver te zoeken. Maar zolang er een dwaas gevonden kan worden die het betaalt is dat irrelevant. Wetenschappers zijn niet alleen bijzonder, ze zijn ook heel knap. Vrijwel alles wat een opdrachtgever bewezen wil zien kunnen zij bewijzen. Ze moeten tenslotte de kost verdienen en dan geldt heel eenvoudig dat de taal gesproken wordt van degene wiens brood men eet. Het is dan gewoon een kwestie van het creëren van de juiste onderzoeksomstandigheden. Wetenschappers zijn tenslotte ook maar gewone mensen. Ik ben geen wetenschapper. Maar wat mij opviel in de schandalen van de laatste tijd is dat de voornamen van alle drie de frauderende professoren met een D begint. Misschien rechtvaardigt dat de hypothese dat de kans dat een wetenschapper wiens voornaam met een D begint fraudeert groter is dan wanneer die voornaam met een H begint. De onderzoeksperiode beslaat het tijdvak midden 2011 tot midden 2012. Ik kijk alleen naar Nederlandse universiteiten. Vervolgens selecteer ik enkel de ophefmakende fraudezaken, dat wil zeggen dat ze de krant gehaald moeten hebben. En wat blijkt? Het begon met Diederik, daarna kwam Don en het eindigt voorlopig met Dirk. De stelling is bewezen. Schieten we daar iets mee op? Nee. Want het is natuurlijk klinkklare nonsens. Misschien is het wel zo dat er in verhouding erg veel wetenschappers zijn wier voornaam met een D begint en dan is het natuurlijk helemaal niet verwonderlijk dat er meer frauderende wetenschappers zijn wier voornaam met een D begint. Wetenschappers zijn mensen die, net zoals Taylor het met de arbeid deed, het leven en de mens in stukjes hakken. Het geheel , met al zijn samenhangen, begrijpen is ondoenlijk. Dus is jezelf specialiseren in een deel de enig begaanbare weg. Maar wie knoopt de touwtjes weer aan elkaar? De filosofie misschien? Maar die kent ook al haar specialisaties. Ik leef altijd al met de gedachte dat we meer niet dan wel weten. En het beetje dat we denken te weten is volstrekt onvoldoende om de mens en het leven te begrijpen, laat staan dat we er met die kennis in geslaagd zijn de wereld tot een leefbaarder geheel te maken. Wat gisteren waar leek, blijkt morgen alweer niet te kloppen. Ons past dus op het gebied van de wetenschap enige bescheidenheid. Misschien is wetenschap in zichzelf wel frauduleus en is er enkel een verschil tussen oplichters en onwetenden.
Labels:
Diederik Stapel,
Dirk Smeesters,
Don Poldermans,
Fraude,
Taylor,
wetenschap
Friday, 16 December 2011
Mensendieren en ritueel slachten
Mens en dier, de allereerste vraag die zich opdringt is die of dit onderscheid wel gemaakt kan worden? Zijn we niet allemaal dieren? Als aanhanger van de evolutietheorie meen ik dat dit inderdaad het geval is. Het dier mens heeft zich echter dusdanig doorontwikkeld, dat het nog maar weinig natuurlijke vijanden heeft, met uitzondering van de zich koppig tegen beheersing verzettende natuurelementen aarde, water, vuur en lucht zelf, en toppredator geworden is. Op grond van die zelf veroverde status hebben de mensendieren een superioriteitsgevoel ontwikkeld. Ze kunnen denken en discussiëren over de vraag of het geoorloofd is dieren te gebruiken voor het redden van mensenlevens, bij voorbeeld in de medische wetenschap en ook als voeding. De collega-dieren voeren die discussie niet. Als ze de kans krijgen gebruiken ze het mensendier, voor zover bekend niet voor wetenschappelijke experimenten, maar gewoon als voedingsbron. Er zijn nog wel jagers onder de mensendieren, maar de meeste zijn te lui om te jagen en hebben hun voormalige jachtobjecten inmiddels gedomesticeerd. Het gemak dient het mensendier, nietwaar?
De discussie over ritueel, onverdoofd slachten is in eerste instantie een symptoom van de verhouding van de mensendieren tot de natuur. Met hun gevoel van superioriteit hebben ze er afstand van genomen, zich erboven geplaatst. Ze denken de natuur te beheersen, naar hun hand te kunnen zetten. In de dierenwereld bestaan geen mensenrechten, in de mensendierenwereld inmiddels wel dierenrechten. De natuur geeft mensen geen rechten. De rechten van mensen zijn rechten die de mensendieren verworven menen te hebben. Veroverde en verworven rechten, daar houden mensendieren van. Godsdienstvrijheid is ook zo’n verworven recht. Dierenrechten zijn geen veroverde rechten. Ze zijn een geschenk van het superieure mensendier aan de onderworpen collegae. Die hoefden daar niet eens om te vragen.
We moeten vaststellen dat er mensendieren zijn die zich schamen voor de verworven positie van toppredator. De overige dieren kennen dat schaamtegevoel niet. Schaamte is cultuur en heeft met schuld te maken. En schuld is in sterke mate een religieus begrip. Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa. Het gekke in de discussie over de rituele slacht is dat nu juist de religieuze groeperingen zich niet schuldig voelen en de atheïsten wel. We kunnen wellicht voorzichtig concluderen dat religieuze mensen dichter bij de natuur staan dan niet-religieuze. Ze hebben er misschien een tikkeltje meer ontzag voor, terwijl de atheïsten meer van het wetenschappelijke vooruitgangsgeloof zijn. Die komen dan tot de conclusie dat wetenschappelijk onderzoek naar tot nu toe onmetelijk gevoel wenselijk is. Liefde, lijden,lust en lol. Begin het maar eens meetbaar te maken.
De dierenwereld kent geen godsdienstvrijheid en evenmin mensendieren- of dierenrechten. In die wereld wordt ook niet gediscussieerd over het spanningsveld tussen die twee. Van de natuur vervreemde mensendieren met veroverde rechten en een superioriteitsgevoel , vervuld van een daarmee samenhangend , in de loop der eeuwen erin geramd schaamtegevoel, schenken hun collega-dieren het recht op een mensendierwaardige dood. Het doet allemaal wat onnatuurlijk aan.
De discussie over ritueel, onverdoofd slachten is in eerste instantie een symptoom van de verhouding van de mensendieren tot de natuur. Met hun gevoel van superioriteit hebben ze er afstand van genomen, zich erboven geplaatst. Ze denken de natuur te beheersen, naar hun hand te kunnen zetten. In de dierenwereld bestaan geen mensenrechten, in de mensendierenwereld inmiddels wel dierenrechten. De natuur geeft mensen geen rechten. De rechten van mensen zijn rechten die de mensendieren verworven menen te hebben. Veroverde en verworven rechten, daar houden mensendieren van. Godsdienstvrijheid is ook zo’n verworven recht. Dierenrechten zijn geen veroverde rechten. Ze zijn een geschenk van het superieure mensendier aan de onderworpen collegae. Die hoefden daar niet eens om te vragen.
We moeten vaststellen dat er mensendieren zijn die zich schamen voor de verworven positie van toppredator. De overige dieren kennen dat schaamtegevoel niet. Schaamte is cultuur en heeft met schuld te maken. En schuld is in sterke mate een religieus begrip. Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa. Het gekke in de discussie over de rituele slacht is dat nu juist de religieuze groeperingen zich niet schuldig voelen en de atheïsten wel. We kunnen wellicht voorzichtig concluderen dat religieuze mensen dichter bij de natuur staan dan niet-religieuze. Ze hebben er misschien een tikkeltje meer ontzag voor, terwijl de atheïsten meer van het wetenschappelijke vooruitgangsgeloof zijn. Die komen dan tot de conclusie dat wetenschappelijk onderzoek naar tot nu toe onmetelijk gevoel wenselijk is. Liefde, lijden,lust en lol. Begin het maar eens meetbaar te maken.
De dierenwereld kent geen godsdienstvrijheid en evenmin mensendieren- of dierenrechten. In die wereld wordt ook niet gediscussieerd over het spanningsveld tussen die twee. Van de natuur vervreemde mensendieren met veroverde rechten en een superioriteitsgevoel , vervuld van een daarmee samenhangend , in de loop der eeuwen erin geramd schaamtegevoel, schenken hun collega-dieren het recht op een mensendierwaardige dood. Het doet allemaal wat onnatuurlijk aan.
Subscribe to:
Posts (Atom)