Afgelopen zaterdag las ik een column van Govert Derix in de krant. De kop erboven luidde: “Twintig centimeter per uur”. Die verwijst naar het feit, dat planten en dieren zich al veertig jaar met gemiddeld twintig centimeter per uur naar koelere gebieden verplaatsen. De les is, dat de natuur geen nieuwsberichten nodig heeft om in beweging te komen, dat ze weet wat ons boven het hoofd hangt en dat wij mensen achter de feiten aan lopen en het uiteindelijk zullen afleggen tegen de trage krachten van de natuur. Derix kijkt naar de aarde vanuit het perspectief van een buitenaardse beschaving die ons wellicht ooit zal beschrijven als het dier dat niet toekwam aan wat echt noodzakelijk is.
Die zienswijze is schitterend verbeeld in een film van Coline Serreau met de titel La Belle Verte. Mila, kleindochter van een aardse moeder wil, als enige van de bewoners van een verre planeet, wel terug naar de aarde. Wat ze daar aantreft maakt haar niet vrolijk. De vervuilde lucht maakt alle mensen ziek. Het water is niet te drinken(dat deed me onmiddellijk denken aan de documentaire Gasland van Josh Fox die ook zo mooi laat zien hoe de natuur met behulp van de orkanen Rita en Katrina het door mensen in zee gedumpte afval terugbezorgt waar het vandaan kwam), als je geen geld hebt, heb je niets, als je geen documenten hebt, besta je niet. Is lippenstift een medicijn om van je te laten houden? La Belle Verte is de moeite van het bekijken meer dan waard. Doen dus!
Govert Derix komt tot de conclusie, dat we behoefte hebben aan mondiale beslissingsstructuren met een verantwoorde blik op de lange termijn. Ik ben dat hartgrondig met hem eens. Tegelijkertijd leveren wij hier echter achterhoedegevechten over het afstaan van een beetje soevereiniteit aan Europa. Als je ons zo bezig ziet, zou je bijna gaan geloven dat de Maya’s gelijk gaan krijgen met hun voorspelling dat – om het met Derix te zeggen – het ruimteschip aarde op 21 december aanstaande uit de bocht zal vliegen. Er is dringend behoefte aan een Nieuw Geloofwaardig Toekomstvisioen, zegt Derix.
Chaos voor wedergeboorte, zo noemt een van Mila’s zonen het tijdperk waarin de bewoners van de verre planeet in La Belle Verte afgerekend hebben met de vervuilers en de uitbuiters. Een totale , vreedzame boycot van alle producten, die bijdragen aan de vervuiling van de aarde en tot stand gekomen zijn door uitbuiting van mensen, behoorde tot de strategie. Het doet denken aan Rousseau. Het klinkt romantisch. Wij kunnen echter niet terug. We gaan vooruit, maar niet alles wat we vooruitgang noemen is dat ook daadwerkelijk. Vervuiling , uitbuiting, bewuste misleiding en eigen-volk-eerst-denken zijn misdaden tegen de menselijkheid. Wij zouden er goed aan doen onze kennis en kunde in te zetten voor een verantwoord beheer van de aarde, voor het herstellen van verstoord evenwicht. Dat heeft alles te maken met macht en verantwoordelijkheid.
Since almost four years now I have been living in The Philippines. 'It's more fun in the Philippines' says the much used tourism slogan. In many regards that is absolutely true. Daily reality has more nuances. I changed the title of my blog from 'Thoughts and Musings' into 'Mail from Manila'. From now on I will try to shed some light on situations and events here in the Philippines and -whenever I can't help myself- in other places on our globe.
Tuesday, 6 September 2011
Monday, 5 September 2011
Naïef idealisme gevraagd
De Amerikaanse Sarah Chayes woont en werkt sinds 2002 in Afghanistan.Susan Neiman voert haar in haar boek ‘Morele helderheid, goed en kwaad in de 21ste eeuw’(Ambo Amsterdam,2008) op als een van de voorbeelden van volwassen idealisten. De oorspronkelijke ondertitel van Niemans boek luidt: ‘A Guide for Grown-Up Idealists’. Ook Daniel Ellsberg ( Pentagon Papers ) en Bob Moses ( burgerrechtenbeweging USA ) behoren tot die voorbeelden. Mensen die een keuze gemaakt hebben. De keuze om niet cynisch te zijn, het allemaal wel te weten en dus alles maar te laten gebeuren. De keuze om zelf iets te doen. Om zich niet langer bij de neus te laten nemen door mensen, vooral politici, die niet gehinderd worden door al teveel historische belangstelling en niets leren van de vergissingen van het verleden. Door mensen die loyaliteit als hoogste deugd hebben. Help je vrienden en doe je vijanden kwaad als enig moreel voorschrift. Door mensen die werken met vijandbeelden, die in de meeste gevallen een grotere bedreiging suggereren dan werkelijk bestaat.
Tofik Dibi is een voorbeeld. Hij wil een debat in de Tweede Kamer over de gebeurtenissen van 22 juli op het eiland Utøya in Noorwegen en hoopt dat Wilders daaraan mee doet. Hij wil met dat debat, zo zei hij bij Knevel en Van den Brink, onze gezamenlijke vijanden identificeren. Terroristen, criminelen en niet goed functionerende politieagenten. Bolkestein gaf ook een staaltje van het volstrekte gebrek aan idealen. “Zelfs een klok die stilstaat, heeft twee keer per dag gelijk”,zei hij en realiseerde zich niet in welk web hij zelf gevangen zit. De politiek van het haalbare. Wars van enige, op idealen gebaseerde, toekomstvisie. Het federale Europa als vijand van nationale zelfzucht. En wij, schapen, laten ons op een hoop drijven.
De meeste mensen, zegt Sarah Chayes, delen een paar fundamentele aspiraties en waarden met elkaar. Zoals het recht om deel te hebben aan het opstellen van de regels aan de hand waarvan ze bestuurd worden. Het recht om bestuurders ter verantwoording te roepen. Toegang tot scholing en een redelijk gelijke welvaartsverdeling. Cultuurverschillen spelen daarbij een veel minder belangrijke rol dan wat mensen in de loop der tijd overkomen is.
Politici die elkaar versterkende mechanismen van geheimhouding en minachting cultiveren, ondermijnen de democratische praktijk. Ze houden mensen bewust onwetend en liegen hen wat voor. Vervolgens gebruiken ze de onwetendheid als argument om de problemen maar aan de politiek over te laten. Politici vinden politieke winst belangrijker dan het stoppen met doden. Gewone mensen worden bang gemaakt. Ze brengen zichzelf in verlegenheid als ze er iets van zeggen. Ze worden voor naïef en wereldvreemd uitgemaakt. In de hoek gezet als onwetend en dom. Het wordt de hoogste tijd dat we ons van de angst, het wantrouwen en de zelfzucht bevrijden. Dat we ons bevrijden van de angst om absurd te lijken en een domme indruk te maken, om uit het gelid te stappen en naïef genoemd te worden. Naïef idealisme is nodig voor onze toekomst.
Tofik Dibi is een voorbeeld. Hij wil een debat in de Tweede Kamer over de gebeurtenissen van 22 juli op het eiland Utøya in Noorwegen en hoopt dat Wilders daaraan mee doet. Hij wil met dat debat, zo zei hij bij Knevel en Van den Brink, onze gezamenlijke vijanden identificeren. Terroristen, criminelen en niet goed functionerende politieagenten. Bolkestein gaf ook een staaltje van het volstrekte gebrek aan idealen. “Zelfs een klok die stilstaat, heeft twee keer per dag gelijk”,zei hij en realiseerde zich niet in welk web hij zelf gevangen zit. De politiek van het haalbare. Wars van enige, op idealen gebaseerde, toekomstvisie. Het federale Europa als vijand van nationale zelfzucht. En wij, schapen, laten ons op een hoop drijven.
De meeste mensen, zegt Sarah Chayes, delen een paar fundamentele aspiraties en waarden met elkaar. Zoals het recht om deel te hebben aan het opstellen van de regels aan de hand waarvan ze bestuurd worden. Het recht om bestuurders ter verantwoording te roepen. Toegang tot scholing en een redelijk gelijke welvaartsverdeling. Cultuurverschillen spelen daarbij een veel minder belangrijke rol dan wat mensen in de loop der tijd overkomen is.
Politici die elkaar versterkende mechanismen van geheimhouding en minachting cultiveren, ondermijnen de democratische praktijk. Ze houden mensen bewust onwetend en liegen hen wat voor. Vervolgens gebruiken ze de onwetendheid als argument om de problemen maar aan de politiek over te laten. Politici vinden politieke winst belangrijker dan het stoppen met doden. Gewone mensen worden bang gemaakt. Ze brengen zichzelf in verlegenheid als ze er iets van zeggen. Ze worden voor naïef en wereldvreemd uitgemaakt. In de hoek gezet als onwetend en dom. Het wordt de hoogste tijd dat we ons van de angst, het wantrouwen en de zelfzucht bevrijden. Dat we ons bevrijden van de angst om absurd te lijken en een domme indruk te maken, om uit het gelid te stappen en naïef genoemd te worden. Naïef idealisme is nodig voor onze toekomst.
Labels:
Bob Moses,
Bolkestein,
Daniel Ellsberg,
Dibi,
Idealisme,
Sarah Chayes,
Susan Neiman,
vijandbeelden
Friday, 2 September 2011
Natie , taal en fout nationalisme
Welke taal zou ik moeten spreken als ik Zwitser zou willen worden? Welke taal moet ik spreken om tot Belg te kunnen naturaliseren? Sinds het Fries als taal erkend is spreken we in Nederland ook verschillende talen. Kan een Vlaamse Belg, bijvoorbeeld Steven Strijckers die al tien jaar in Munstergeleen woont en werkt, ook Nederlander worden als hij Fries spreekt? Is taal een geschikt criterium om nationaliteit te verwerven? Bepaalt de taal die ik spreek tot welke natie ik behoor of wil behoren? Willen mensen een nationaliteit of krijgen ze die opgelegd en worden er dan min of meer toevallig in geboren?
Om daar iets van te begrijpen moeten we terug naar de 19de eeuw. Taal heeft veel met natievorming van doen. Joep Leerssen schrijft in “Nationaal denken in Europa, een cultuurhistorische schets” (Amsterdam University Press, 1999 ), dat het nationale denken oorspronkelijk een emancipatiebeweging was voor burgerij en minderheidsculturen. Nationaliteit werd echter in toenemende mate een “corset dat de staatsmacht moreel legitimeert, door haar te stutten op het primaat van een collectieve, anti – individualistische volkssolidariteit , en waarin de nationale of culturele identiteit van het individu lijnrecht uit de dwingende omstandigheden van historische en raciale afkomst wordt afgeleid.” De Multi-etnische keizerrijken vielen aan het einde van de Eerste Wereldoorlog definitief uiteen. Daarvoor in de plaats kwam het zelfbeschikkingsrecht der volkeren, dat de leidraad vormde voor het Verdrag van Versailles. Daar ligt de oorsprong van het nationalistisch beginsel, dat “staten de nationale samenstelling van hun bevolking dienen te weerspiegelen, en dat de staatsgrenzen dus idealiter dienen samen te vallen met culturele grenzen – met name taalgrenzen. “
Cultuur- en staatsgrenzen vallen echter niet samen. Staatsgrenzen zijn meestal vrij nauwkeurig. Soms weerspiegelen ze in hun veranderlijkheid de kracht of zwakte van een land. Cultuurgrenzen zijn vager en ze verschuiven maar zelden. Staatsgrenzen zijn veel minder bestendig dan cultuurgrenzen.
De multiculturele samenleving is mislukt, roepen vele politici tegenwoordig. Dat is natuurlijk volstrekte flauwekul. De multiculturele samenleving is niet mislukt, ze bestaat gewoon. Feit is, dat politici zich geen raad weten met de gevolgen van toenemende globalisering en mobiliteit. Daarom vallen ze terug op een fout soort nationalisme. Een nationalisme, dat niet gericht is op emancipatie en democratie, maar op mono - cultureel en - linguïstisch fascisme. Sinds 1 april van dit jaar zijn, op basis van het gedoogakkoord en dus dankzij de PVV, de eisen van het inburgeringsexamen verder aangescherpt.
Steven Strijckers behoort tot hetzelfde cultuurgebied als de Nederlanders. Hij heeft niet dezelfde nationaliteit, behoort niet tot dezelfde staat. Dat is niet meer dan een toevalligheid, want voor 1830 was dat wel het geval geweest. Misschien wordt het de allerhoogste tijd die verschillende nationaliteiten gewoon af te schaffen en er , als eerste stap, een Europees paspoort voor in de plaats te stellen. Uiteindelijk zijn we allemaal bewoners van de wereld en zouden we ons moeten kunnen vestigen daar waar we ons het beste thuis voelen, zonder dat nationale regeringen dat met allerlei dwaze regeltjes belemmeren.
Om daar iets van te begrijpen moeten we terug naar de 19de eeuw. Taal heeft veel met natievorming van doen. Joep Leerssen schrijft in “Nationaal denken in Europa, een cultuurhistorische schets” (Amsterdam University Press, 1999 ), dat het nationale denken oorspronkelijk een emancipatiebeweging was voor burgerij en minderheidsculturen. Nationaliteit werd echter in toenemende mate een “corset dat de staatsmacht moreel legitimeert, door haar te stutten op het primaat van een collectieve, anti – individualistische volkssolidariteit , en waarin de nationale of culturele identiteit van het individu lijnrecht uit de dwingende omstandigheden van historische en raciale afkomst wordt afgeleid.” De Multi-etnische keizerrijken vielen aan het einde van de Eerste Wereldoorlog definitief uiteen. Daarvoor in de plaats kwam het zelfbeschikkingsrecht der volkeren, dat de leidraad vormde voor het Verdrag van Versailles. Daar ligt de oorsprong van het nationalistisch beginsel, dat “staten de nationale samenstelling van hun bevolking dienen te weerspiegelen, en dat de staatsgrenzen dus idealiter dienen samen te vallen met culturele grenzen – met name taalgrenzen. “
Cultuur- en staatsgrenzen vallen echter niet samen. Staatsgrenzen zijn meestal vrij nauwkeurig. Soms weerspiegelen ze in hun veranderlijkheid de kracht of zwakte van een land. Cultuurgrenzen zijn vager en ze verschuiven maar zelden. Staatsgrenzen zijn veel minder bestendig dan cultuurgrenzen.
De multiculturele samenleving is mislukt, roepen vele politici tegenwoordig. Dat is natuurlijk volstrekte flauwekul. De multiculturele samenleving is niet mislukt, ze bestaat gewoon. Feit is, dat politici zich geen raad weten met de gevolgen van toenemende globalisering en mobiliteit. Daarom vallen ze terug op een fout soort nationalisme. Een nationalisme, dat niet gericht is op emancipatie en democratie, maar op mono - cultureel en - linguïstisch fascisme. Sinds 1 april van dit jaar zijn, op basis van het gedoogakkoord en dus dankzij de PVV, de eisen van het inburgeringsexamen verder aangescherpt.
Steven Strijckers behoort tot hetzelfde cultuurgebied als de Nederlanders. Hij heeft niet dezelfde nationaliteit, behoort niet tot dezelfde staat. Dat is niet meer dan een toevalligheid, want voor 1830 was dat wel het geval geweest. Misschien wordt het de allerhoogste tijd die verschillende nationaliteiten gewoon af te schaffen en er , als eerste stap, een Europees paspoort voor in de plaats te stellen. Uiteindelijk zijn we allemaal bewoners van de wereld en zouden we ons moeten kunnen vestigen daar waar we ons het beste thuis voelen, zonder dat nationale regeringen dat met allerlei dwaze regeltjes belemmeren.
Filosoferen in de tuin
Een middag in de tuin. Met zijn vieren rond een tafel. Het gesprek komt op ‘seksueel misbruik van kinderen’. Bestaat er dan ook seksueel gebruik van kinderen, vragen we ons af? Of is de term mishandeling hier beter op zijn plaats? In het wetboek van strafrecht gaat het om (het begin van) een , al dan niet incestueuze handeling, in de richting van een minderjarige. En met die handeling is iets mis.
Zinloos geweld. Hoe staat het daar mee? Is geweld niet per definitie zinloos en is er dus sprake van een pleonasme als we het over zinloos geweld hebben? Net zoals in witte sneeuw. Kan geweld ook zinvol zijn? Of is het beter in die gevallen te spreken van gerechtvaardigd en blijft het geweld altijd zinloos, omdat het zichzelf oproept en tot escalatie leidt en niet tot een oplossing? Verzets - en bevrijdingsbewegingen vinden geweld soms gerechtvaardigd, maar is het daarmee ook zinvol?
Bestaan beeld en geluid eigenlijk onafhankelijk van de waarnemer? En hoe zit het met tijd? Bestaat tijd onafhankelijk van onze waarneming? Wij meten de tijd. Causaliteit en relativiteit brengen ons bij Einstein. Kunnen mensen eindeloos denken, zonder begin en eind? De historici onder ons zetten de metafysica aan de kant en gaan toch maar uit van volgordelijkheid, van causaliteit, van b als gevolg van a. Als er al een oerknal is geweest, wat was er dan daarvoor? Wat heeft die knal veroorzaakt, wat heeft tot die knal geleid? Of was er helemaal nooit een knal en is alles er altijd al geweest en zal het ook nooit eindigen? Verandert het alleen maar van vorm?
Waar is het misgegaan met de mens? Zijn we van mening dat het misgegaan is? Wat is er dan mis gegaan? Wanneer heeft hij zichzelf losgemaakt van en zich boven de natuur gesteld? Begon het met het domesticeren van dieren of al eerder? Bijvoorbeeld toen we rechtop gingen lopen? Welke wonderbaarlijke aanpassingskunst heeft ertoe geleid, dat mensen, die naakt en zonder schutkleur worden geboren en daarbij ook nog een hoop kabaal maken, toch in staat waren te overleven? Zijn wij niet iets te arrogant geworden, omdat ons dat gelukt is? Het rechtop gaan staan heeft ons ook verzwakt. Waar de viervoeter goed verder kan met drie voeten, zijn wij behoorlijk gehandicapt als we er een moeten missen.
De onderwerpen borrelen als vanzelf op. Er wordt veel beweerd en nog meer gevraagd. Elk van de vandaag maar kort en oppervlakkig aangesneden thema’s verdient veel meer aandacht dan wij er vanmiddag in het zonnetje aan konden geven en heeft die aandacht ook al van velen voor ons gehad. Wij zijn slechts amateur filosofen. Maar het was wel genieten vandaag. Ik had nog uren door kunnen gaan en liefst zou ik nooit meer iets anders doen. Het ontbrak me aan tijd. Ik had te weinig ruimte in mijn tijd. En dus zette ik mij maar weer in beweging en ging van a naar b, omdat ik daar verwacht werd.
Zinloos geweld. Hoe staat het daar mee? Is geweld niet per definitie zinloos en is er dus sprake van een pleonasme als we het over zinloos geweld hebben? Net zoals in witte sneeuw. Kan geweld ook zinvol zijn? Of is het beter in die gevallen te spreken van gerechtvaardigd en blijft het geweld altijd zinloos, omdat het zichzelf oproept en tot escalatie leidt en niet tot een oplossing? Verzets - en bevrijdingsbewegingen vinden geweld soms gerechtvaardigd, maar is het daarmee ook zinvol?
Bestaan beeld en geluid eigenlijk onafhankelijk van de waarnemer? En hoe zit het met tijd? Bestaat tijd onafhankelijk van onze waarneming? Wij meten de tijd. Causaliteit en relativiteit brengen ons bij Einstein. Kunnen mensen eindeloos denken, zonder begin en eind? De historici onder ons zetten de metafysica aan de kant en gaan toch maar uit van volgordelijkheid, van causaliteit, van b als gevolg van a. Als er al een oerknal is geweest, wat was er dan daarvoor? Wat heeft die knal veroorzaakt, wat heeft tot die knal geleid? Of was er helemaal nooit een knal en is alles er altijd al geweest en zal het ook nooit eindigen? Verandert het alleen maar van vorm?
Waar is het misgegaan met de mens? Zijn we van mening dat het misgegaan is? Wat is er dan mis gegaan? Wanneer heeft hij zichzelf losgemaakt van en zich boven de natuur gesteld? Begon het met het domesticeren van dieren of al eerder? Bijvoorbeeld toen we rechtop gingen lopen? Welke wonderbaarlijke aanpassingskunst heeft ertoe geleid, dat mensen, die naakt en zonder schutkleur worden geboren en daarbij ook nog een hoop kabaal maken, toch in staat waren te overleven? Zijn wij niet iets te arrogant geworden, omdat ons dat gelukt is? Het rechtop gaan staan heeft ons ook verzwakt. Waar de viervoeter goed verder kan met drie voeten, zijn wij behoorlijk gehandicapt als we er een moeten missen.
De onderwerpen borrelen als vanzelf op. Er wordt veel beweerd en nog meer gevraagd. Elk van de vandaag maar kort en oppervlakkig aangesneden thema’s verdient veel meer aandacht dan wij er vanmiddag in het zonnetje aan konden geven en heeft die aandacht ook al van velen voor ons gehad. Wij zijn slechts amateur filosofen. Maar het was wel genieten vandaag. Ik had nog uren door kunnen gaan en liefst zou ik nooit meer iets anders doen. Het ontbrak me aan tijd. Ik had te weinig ruimte in mijn tijd. En dus zette ik mij maar weer in beweging en ging van a naar b, omdat ik daar verwacht werd.
Wednesday, 31 August 2011
Leden van de Staten Generaal
Tegen de achtergrond van de discussie over het ceremonieel koningschap en mijn eerdere kersttoespraken, acht ik het mijn dure plicht u deelgenoot te maken van enige gedachten met het oog op een minder politiek geladen kerstboodschap dit jaar. Graag verneem ik van u of deze op uw instemming kunnen rekenen.
2011 was een rampjaar. Japan werd geteisterd door een aardbeving en een tsunami. Hoewel onze oosterburen niet direct getroffen werden, schaffen zij wel de kernenergie af. Een geluk bij een ongeluk, zal menigeen beweren. In de Arabische landen sprak men weliswaar van lente, maar of er daarna een zomer komt kan het KNMI nog niet met zekerheid voorspellen. De zomer in ons eigen land was al niet om over naar huis te schrijven.
Mijn persoonlijke vriend, de koning van Noorwegen, kwam zakdoeken tekort bij het verwerken van de tragedie die zich in Oslo en op het eilandje Utøya voltrokken heeft. Wij zijn nog steeds verbijsterd en vragen ons af hoe het zover heeft kunnen komen. Wij rekenen op uw wijsheid bij het vinden van verklaringen.
Mijn zus Irene teisterde de oostkust van de Verenigde Staten. Daarvoor wil ik u mijn welgemeende excuses aanbieden. Het zal niet weer gebeuren, dat verzeker ik u. Ik zal er hoogstpersoonlijk op toezien, dat zij minder hoog van de toren zal blazen en zich zal beperken tot het nederig fluisteren met bomen.
Mijn schoondochter heeft de Nederlandse identiteit , waarnaar zij zo naarstig op zoek was, inmiddels gevonden. Het koekhappen en de blaasmuziek in Thorn en Weert hebben haar een ‘Aha - Erlebnis’, zoals mijn geliefde man gezegd zou hebben, bezorgd. Zij heeft zich vast voorgenomen, verkleed als blonde cowgirl, carnaval te gaan vieren in Venlo om haar inzicht te verdiepen.
Mijn zoon Willem zit tot over zijn oren in het water en heeft zijn handen meer dan vol met het oplossen van de corruptie in de boezem van het Internationaal Olympisch Comité. De zwemlessen uit zijn jeugd komen hem daarbij nu goed van pas. Zelf zal ik tot het bittere einde doorgaan om hem de last van het ceremonieel koningschap te besparen en hem aldus de mogelijkheid te bieden zich met zinvolle zaken bezig te blijven houden.
Met de hand op mijn oranjehart beloof ik u, dat wij de alimentatie voor de nog onbekende kinderen van mijn vader uit eigen zak zullen betalen. Wij zijn ons er ten volle van bewust, dat u allen zwaar te lijden hebt onder de gevolgen van de economische crisis en dat het werkelijk een nationale ramp zou zijn als de schatkist uw wedde niet meer zou kunnen betalen.
Tenslotte spreek ik, mede namens mijn gehele familie, de welgemeende hoop uit dat Gods zegen u zal begeleiden bij uw belangrijke werk voor ons volk en dat u op 21 december aanstaande uit uw lijden verlost zult worden als de voorspelling van de Maya’s uit zal komen en de wereld, inclusief het Koninkrijk der Nederlanden, zal vergaan en ik mijn kersttoespraak niet meer hoef uit te spreken.
Was getekend,
Beatrix
2011 was een rampjaar. Japan werd geteisterd door een aardbeving en een tsunami. Hoewel onze oosterburen niet direct getroffen werden, schaffen zij wel de kernenergie af. Een geluk bij een ongeluk, zal menigeen beweren. In de Arabische landen sprak men weliswaar van lente, maar of er daarna een zomer komt kan het KNMI nog niet met zekerheid voorspellen. De zomer in ons eigen land was al niet om over naar huis te schrijven.
Mijn persoonlijke vriend, de koning van Noorwegen, kwam zakdoeken tekort bij het verwerken van de tragedie die zich in Oslo en op het eilandje Utøya voltrokken heeft. Wij zijn nog steeds verbijsterd en vragen ons af hoe het zover heeft kunnen komen. Wij rekenen op uw wijsheid bij het vinden van verklaringen.
Mijn zus Irene teisterde de oostkust van de Verenigde Staten. Daarvoor wil ik u mijn welgemeende excuses aanbieden. Het zal niet weer gebeuren, dat verzeker ik u. Ik zal er hoogstpersoonlijk op toezien, dat zij minder hoog van de toren zal blazen en zich zal beperken tot het nederig fluisteren met bomen.
Mijn schoondochter heeft de Nederlandse identiteit , waarnaar zij zo naarstig op zoek was, inmiddels gevonden. Het koekhappen en de blaasmuziek in Thorn en Weert hebben haar een ‘Aha - Erlebnis’, zoals mijn geliefde man gezegd zou hebben, bezorgd. Zij heeft zich vast voorgenomen, verkleed als blonde cowgirl, carnaval te gaan vieren in Venlo om haar inzicht te verdiepen.
Mijn zoon Willem zit tot over zijn oren in het water en heeft zijn handen meer dan vol met het oplossen van de corruptie in de boezem van het Internationaal Olympisch Comité. De zwemlessen uit zijn jeugd komen hem daarbij nu goed van pas. Zelf zal ik tot het bittere einde doorgaan om hem de last van het ceremonieel koningschap te besparen en hem aldus de mogelijkheid te bieden zich met zinvolle zaken bezig te blijven houden.
Met de hand op mijn oranjehart beloof ik u, dat wij de alimentatie voor de nog onbekende kinderen van mijn vader uit eigen zak zullen betalen. Wij zijn ons er ten volle van bewust, dat u allen zwaar te lijden hebt onder de gevolgen van de economische crisis en dat het werkelijk een nationale ramp zou zijn als de schatkist uw wedde niet meer zou kunnen betalen.
Tenslotte spreek ik, mede namens mijn gehele familie, de welgemeende hoop uit dat Gods zegen u zal begeleiden bij uw belangrijke werk voor ons volk en dat u op 21 december aanstaande uit uw lijden verlost zult worden als de voorspelling van de Maya’s uit zal komen en de wereld, inclusief het Koninkrijk der Nederlanden, zal vergaan en ik mijn kersttoespraak niet meer hoef uit te spreken.
Was getekend,
Beatrix
Tuesday, 30 August 2011
Tijd voor nieuwe bedenksels
Zondagavond zag ik in Zomergasten Guy Verhofstadt. Voormalig eerste minister van onze westerburen en nu leider van de fractie der vrije liberalen in het Europees Parlement. Ik voelde me aangesproken door zijn visie op Europa. De Verenigde Staten van Europa als perspectief. Victor Hugo had het al gezien. Eigenlijk schrok ik ook wel van mezelf. Hoe kon ik het nu eens zijn met een liberaal? Deze voorvechters van de vrije markt zijn toch eigenlijk de veroorzakers van alle ellende die we nu voor onze kiezen krijgen. Verhofstadt nuanceerde de vrijheid van de vrije markt al snel. Als we de markten hun gang laten gaan roepen we het onheil over ons af. Er moeten dus grenzen gesteld worden. Markten, dacht ik, worden toch ook bestierd door mensen. Wat zijn dat voor mensen, die alleen maar in hun rechter kontzak denken? Waar ik het met Guy oneens bleef, was op het punt van de economische groei als panacee tegen alle problemen. Wij, in het rijke westen, moeten groeien tegen de klippen van de hel omhoog. Anders zijn we niet in staat om onze schulden af te betalen en tegelijkertijd onze levensstandaard op hetzelfde niveau te houden. Als we maar blijven groeien zal de wereld uiteindelijk uit haar voegen barsten. Natuurlijk heeft de wereldeconomie nog wel groeimogelijkheden. Er zijn nog miljarden mensen, die ver verwijderd zijn van wat wij normaal vinden. Het toilet met waterspoeling en de mobiele telefoon hebben in India een economische revolutie veroorzaakt. Die miljarden mensen die hun mars naar de moderniteit nog moeten volbrengen zullen wel de middelen moeten hebben om zich de zegeningen daarvan aan te schaffen. Net zoals wij ons die middelen verschaft hebben. En als de groei niet onbegrensd is, ontkomen we niet aan een gigantische herverdelingsoperatie op wereldschaal. Op alle fronten. Herverdelen betekent voor ons inleveren, want wij hebben ons een onevenredig deel van de koek toegeëigend. Wij willen liever niet inleveren. Wij willen houden wat we hebben. Wij verdedigen. Wij zijn in het defensief gedrongen. Wij doen alsof de koek onbegrensde groeicapaciteit heeft. Inleveren is geen populaire boodschap.
Ook doen wij net alsof de door sommige van ons bedachte concepten, zoals economie en geld, een absoluut en wetmatig karakter hebben, waaraan iedereen onderworpen is. Maar uiteindelijk zijn het niet meer dan bedenksels, waarmee we proberen onze onderlinge relaties te ordenen. We kunnen ook andere, nieuwe dingen bedenken. We zouden kunnen bedenken, dat ons eerste belang is de planeet leefbaar te houden voor mensen, dieren en planten. We zouden kunnen bedenken, dat we in staat zijn om genoeg voedsel voor alle mensen te produceren en dat het vrij eenvoudig is om dat goed te verdelen in plaats van het door te draaien en te vernietigen. Mijn zoon van 15 twitterde enkele weken geleden , dat als we al het op de wereld aanwezige geld zouden verdelen iedereen 6.000 euro zou hebben. Het merendeel van de wereldbevolking zou op hetzelfde moment in luxe leven. Als we denken in het concept van verdelen, hebben we dan nog geld nodig? Alles wat wij hebben lenen we slechts voor de duur van ons leven van de aarde. Wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het deksel op zijn neus.
Ook doen wij net alsof de door sommige van ons bedachte concepten, zoals economie en geld, een absoluut en wetmatig karakter hebben, waaraan iedereen onderworpen is. Maar uiteindelijk zijn het niet meer dan bedenksels, waarmee we proberen onze onderlinge relaties te ordenen. We kunnen ook andere, nieuwe dingen bedenken. We zouden kunnen bedenken, dat ons eerste belang is de planeet leefbaar te houden voor mensen, dieren en planten. We zouden kunnen bedenken, dat we in staat zijn om genoeg voedsel voor alle mensen te produceren en dat het vrij eenvoudig is om dat goed te verdelen in plaats van het door te draaien en te vernietigen. Mijn zoon van 15 twitterde enkele weken geleden , dat als we al het op de wereld aanwezige geld zouden verdelen iedereen 6.000 euro zou hebben. Het merendeel van de wereldbevolking zou op hetzelfde moment in luxe leven. Als we denken in het concept van verdelen, hebben we dan nog geld nodig? Alles wat wij hebben lenen we slechts voor de duur van ons leven van de aarde. Wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het deksel op zijn neus.
Voetbalmiljonairs staken
Warren Edward Buffet wordt morgen 81 jaar. Hij is de op twee na rijkste man ter wereld met een geschat vermogen van 52 miljard dollar. Door de kredietcrisis heeft hij zo’n 10 miljard en de eerste plaats op de rijkenranglijst verloren. Dat weerhoudt hem er niet van om zo’n 37 miljard dollar weg te geven aan goede doelen. Hij doet dat onder meer samen met Bill Gates ( The Giving Pledge ) en volgt de beroemde Carnegie, die ooit zei dat de Verenigde Staten staan voor het recht om rijk te worden en de plicht hebben die rijkdom weg te schenken.
Zestien Franse miljonairs hebben onlangs aangekondigd meer belasting te willen betalen om te voorkomen dat Frankrijk besmet raakt door de schuldencrisis. Misschien wat laat, want inmiddels zijn we allemaal besmet, maar beter laat dan helemaal niet. Natuurlijk valt er een boom op te zetten over deze actie. Hogere belastingopbrengsten moeten vooralsnog niet leiden tot hogere uitgaven, maar tot minder overheidsschuld. En daarnaast moeten de belastingstelsels zo zijn, dat dit soort acties niet nodig zijn. Hoe goed ook bedoeld. Als de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen zijn ze overbodig.
In schril contrast tot het maatschappelijk bewustzijn, dat uit de voorgaande voorbeelden spreekt staan de Italiaanse, waaronder ook Nederlandse, voetbalmiljonairs. Die hebben dit weekend gestaakt. Ze vinden, dat niet zij, maar de clubs de solidariteitsheffing van 5% moeten betalen, die de Italiaanse regering opgelegd heeft . Als argument gebruiken de heren het feit dat zij met hun clubs afgesproken hebben, dat hun salarissen netto zijn. Totti bijvoorbeeld krijgt 8,6 miljoen euro per jaar en zou daarvan 430.000 euro moeten inleveren. Buffon ontvangt netto 10,5 miljoen en moet 525.000 inleveren. En van 8 respectievelijk 10 miljoen kunnen de heren vanzelfsprekend niet leven. Dus staken ze!
Voetballers realiseren zich maar zelden wie hun salaris eigenlijk betaalt. Dat zijn de mensen, die de stadions bevolken en de producten en diensten van de sponsoren afnemen. Dat zijn wij allemaal dus. In verhouding tot de prestatie die ze leveren zijn de salarissen van voetballers vergeleken met die van andere profsporters onevenredig hoog. Ze krijgen wat de gek ervoor geeft. Vrije markt. Het woord verdienen is al helemaal niet meer op zijn plaats. Misschien moeten we er ook maar niet meer zoveel aandacht aan schenken. Een kijkersstaking zou de heren wellicht met twee benen op aarde terug kunnen brengen. Hun gedrag doet vermoeden, dat ze nu op een andere planeet denken te leven.
Zestien Franse miljonairs hebben onlangs aangekondigd meer belasting te willen betalen om te voorkomen dat Frankrijk besmet raakt door de schuldencrisis. Misschien wat laat, want inmiddels zijn we allemaal besmet, maar beter laat dan helemaal niet. Natuurlijk valt er een boom op te zetten over deze actie. Hogere belastingopbrengsten moeten vooralsnog niet leiden tot hogere uitgaven, maar tot minder overheidsschuld. En daarnaast moeten de belastingstelsels zo zijn, dat dit soort acties niet nodig zijn. Hoe goed ook bedoeld. Als de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen zijn ze overbodig.
In schril contrast tot het maatschappelijk bewustzijn, dat uit de voorgaande voorbeelden spreekt staan de Italiaanse, waaronder ook Nederlandse, voetbalmiljonairs. Die hebben dit weekend gestaakt. Ze vinden, dat niet zij, maar de clubs de solidariteitsheffing van 5% moeten betalen, die de Italiaanse regering opgelegd heeft . Als argument gebruiken de heren het feit dat zij met hun clubs afgesproken hebben, dat hun salarissen netto zijn. Totti bijvoorbeeld krijgt 8,6 miljoen euro per jaar en zou daarvan 430.000 euro moeten inleveren. Buffon ontvangt netto 10,5 miljoen en moet 525.000 inleveren. En van 8 respectievelijk 10 miljoen kunnen de heren vanzelfsprekend niet leven. Dus staken ze!
Voetballers realiseren zich maar zelden wie hun salaris eigenlijk betaalt. Dat zijn de mensen, die de stadions bevolken en de producten en diensten van de sponsoren afnemen. Dat zijn wij allemaal dus. In verhouding tot de prestatie die ze leveren zijn de salarissen van voetballers vergeleken met die van andere profsporters onevenredig hoog. Ze krijgen wat de gek ervoor geeft. Vrije markt. Het woord verdienen is al helemaal niet meer op zijn plaats. Misschien moeten we er ook maar niet meer zoveel aandacht aan schenken. Een kijkersstaking zou de heren wellicht met twee benen op aarde terug kunnen brengen. Hun gedrag doet vermoeden, dat ze nu op een andere planeet denken te leven.
Labels:
Bill Gates,
Buffon,
Frankrijk,
Italie,
solidariteitsheffing,
Totti,
voetbalmiljonairs,
Warren Buffet
Subscribe to:
Posts (Atom)