De Duitstalige TV - zender Arte had gisteren een avondvullend themaprogramma over de Eurocrisis in de aanbieding. Reportages over een tijdbank in Spanje en ruilen in plaats van kopen in Griekenland. Gewone mensen schakelen het geld uit. Wat kun jij? Wat weet jij? Wat kun jij missen? Wat heb jij nodig? Aanbod en vraag worden zonder geld bij elkaar gebracht. Interessante initiatieven. Helaas zijn er te weinig programma’s die de burgers in alle Europese landen voortdurend duidelijk maken wat er op het spel staat. We steken liever de kop in het zand en kijken naar de Voice.
De financiële markten hebben en houden Europa in hun greep. Terwijl de Amerikanen de grootste staatsschuld van de Westerse wereld hebben, bepalen Amerikaanse ratingbureaus de status van afzonderlijke Europese staten. Zo verdelen ze Europa in landen van de eerste,tweede en derde categorie. Duitsland, Nederland, Finland en Luxemburg zitten in de kopgroep. Frankrijk in de middengroep. De rest moet zijn best doen om erbij te blijven. Die waarderingen hebben dus niets te maken met de hoogte van de schuld, maar alles met vertrouwen. In Europa laten wij ons gewillig uit elkaar spelen, terwijl we allemaal in hetzelfde bootje zitten. Wij laten de financiële markten bepalen dat het ene land kan lenen tegen bijna 0% rente, terwijl het andere 7% moet betalen voor een lening. De Federal Reserve in Amerika en de Bank of England in het Verenigd Koninkrijk doen wat de Europese centrale Bank niet mag. De totale schuld opkopen en herverdelen.
Naar schaaktermen vertaald bevindt Europa zich in het eindspel. We hebben een federale munt en een federale markt. Vrij verkeer van mensen, goederen en geld. Maar we hebben geen federale regering, die ervoor kan zorgen dat er een gezamenlijk sociaal – economisch beleid gevoerd wordt onder controle van het Europees Parlement. Onze regeringsleiders zijn er tot op heden niet in geslaagd maatregelen te nemen die de wereld het vertrouwen geven dat we de crisis het hoofd zullen bieden. Duidelijk is, dat alleen ( dwingen tot ) bezuinigen niet voldoende zal helpen. Mevrouw Merkel doet wel alsof ze de president van Europa is, maar ze is het niet. Net zomin als meneer Sarkozy. Ze zullen niet de geschiedenis in gaan als de leiders die ons op het goede spoor gezet hebben. Geen van allen zijn ze bereid om de soevereiniteit van hun landen op essentiële terreinen in te leveren en ons op die manier uit de klauwen van de financiële markten te bevrijden. De volgende verkiezingen in de thuislanden zijn belangrijker dan de toekomst van ons allemaal. En ondanks al die verwoede, maar nutteloze pogingen zullen ze de volgende verkiezingen verliezen. Omdat politieke en electorale kortzichtigheid het probleem niet werkelijk oplost spelen ze ongewild de eurosceptici in de kaart. De ontevredenheid zal alleen maar toenemen, omdat er geen perspectief geboden wordt. De enige redding is een Federaal Europa met een sterke Europese Bank, die voldoende mandaat heeft om te doen wat de Federal Reserve doet, met een gezamenlijk en geharmoniseerd sociaal – economisch beleid en met Europese Staatsobligaties, die het onmogelijk maken ons tegen elkaar uit te spelen. Tot nog toe spelen we in Europa een zwak eindspel. De strategie moet hoognodig op de schop willen we het tij nog keren en deze partij winnend afsluiten.
Since almost four years now I have been living in The Philippines. 'It's more fun in the Philippines' says the much used tourism slogan. In many regards that is absolutely true. Daily reality has more nuances. I changed the title of my blog from 'Thoughts and Musings' into 'Mail from Manila'. From now on I will try to shed some light on situations and events here in the Philippines and -whenever I can't help myself- in other places on our globe.
Showing posts with label vertrouwen. Show all posts
Showing posts with label vertrouwen. Show all posts
Wednesday, 18 January 2012
Saturday, 27 August 2011
Buurtterreur en spierballentaal
Burgemeester Hoes van Maastricht heeft geen rustige vakantie gehad. Hij is geschrokken. Burgers uit sommige wijken van zijn stad hebben hem bestookt met e -mailtjes, twitterberichten en mededelingen op facebook. De sociale media doen ook in Maastricht hun werk. Een uitkomst voor mensen die de straat niet meer opdurven. Zorg ervoor dat die man geen rustig moment heeft. Dat hebben wij toch ook niet meer. Dat moeten de zich onveilig voelende burgers gedacht hebben. En het heeft gewerkt. Pissig over een verpeste vakantie roept de burgemeester meteen op zijn eerste werkdag een crisisvergadering bijeen. Niks achterstallige post en stapels adviezen wegwerken. Meteen de koe bij de horens vatten. Of liever gezegd de ‘multiprobleemjongeren’, zoals de burgemeester vijftien raddraaiers, die met naam, toenaam, adres, telefoon- en sofinummer bij de instanties bekend zijn, betitelt. ‘De maat is vol’ en ‘stoppen met het praatcircus’ zegt de burgervader. Hij is bang dat mensen het vertrouwen in de instanties kwijt raken.
Het vertrouwen in hun medeburgers zijn de bewoners van Wittevrouwenveld, Wyckerpoort, Nazareth en Limmel al kwijt. Ze zien wat er om hen heen gebeurt, proberen dat te begrijpen en komen tot de slotsom, dat het onbegrijpelijk is, dat die vijftien ongestoord hun gang kunnen gaan. Ze worden onzeker, angstig, boos. Ze dienen klachten in en protesteren. Individueel en samen. Uiteindelijk zullen ze agressief worden en hun problemen zelf op gaan lossen. De ‘multiprobleemjongeren’ doen dat al. Die zijn onthecht, voelen geen binding meer met de samenleving, die hen geen perspectief meer biedt en kiezen voor zelfzuchtig en crimineel gedrag.
Voor de burgemeester van Maastricht kan het geen nieuws zijn, dat burgers het vertrouwen in de overheid en vooral in haar dienaren al langer aan het verliezen zijn of al verloren hebben. Als dat wel zo is, dan schrik ik daarvan. Overheidsdienaren zijn bevoorrechte mensen, die geen idee meer hebben van hoe gewone mensen leven. Ze zijn arrogant, betweterig, niet transparant, vullen hun zakken en communiceren slecht. Het zijn zo maar wat voorbeelden van wat er geroepen wordt. Grofweg zijn de burgers in drie groepen te verdelen. Mensen die de overheid vertrouwen, mensen die haar niet vertrouwen en mensen die niet weten of ze haar kunnen vertrouwen. Dat staat in een essay, dat Prof. Dr. Kees van den Bos ( Universiteit Utrecht ) in januari van dit jaar geschreven heeft voor en in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
De ‘multiprobleemjongeren’ vertrouwen de overheid niet. De protesterende burgers weten niet of ze de overheid kunnen vertrouwen. Burgemeester Hoes zal nu moeten bewijzen, dat de overheid betrouwbaar is. Hij heeft A geroepen en zal nu B moeten waarmaken wat hij aangekondigd heeft. Of die spierballentaal daarbij helpt zal moeten blijken. Ik zou liever wat krachtige woorden over de heer Zalm van ABN-AMRO gehoord hebben die, na eerst met onze belastingcenten overeind te zijn gehouden, nu weer een miljard winst maakt en prompt 2350 mensen de straat op zet. Daar zullen misschien wel weer wat toekomstige ‘multiprobleemjongeren’ bij zijn.
Het vertrouwen in hun medeburgers zijn de bewoners van Wittevrouwenveld, Wyckerpoort, Nazareth en Limmel al kwijt. Ze zien wat er om hen heen gebeurt, proberen dat te begrijpen en komen tot de slotsom, dat het onbegrijpelijk is, dat die vijftien ongestoord hun gang kunnen gaan. Ze worden onzeker, angstig, boos. Ze dienen klachten in en protesteren. Individueel en samen. Uiteindelijk zullen ze agressief worden en hun problemen zelf op gaan lossen. De ‘multiprobleemjongeren’ doen dat al. Die zijn onthecht, voelen geen binding meer met de samenleving, die hen geen perspectief meer biedt en kiezen voor zelfzuchtig en crimineel gedrag.
Voor de burgemeester van Maastricht kan het geen nieuws zijn, dat burgers het vertrouwen in de overheid en vooral in haar dienaren al langer aan het verliezen zijn of al verloren hebben. Als dat wel zo is, dan schrik ik daarvan. Overheidsdienaren zijn bevoorrechte mensen, die geen idee meer hebben van hoe gewone mensen leven. Ze zijn arrogant, betweterig, niet transparant, vullen hun zakken en communiceren slecht. Het zijn zo maar wat voorbeelden van wat er geroepen wordt. Grofweg zijn de burgers in drie groepen te verdelen. Mensen die de overheid vertrouwen, mensen die haar niet vertrouwen en mensen die niet weten of ze haar kunnen vertrouwen. Dat staat in een essay, dat Prof. Dr. Kees van den Bos ( Universiteit Utrecht ) in januari van dit jaar geschreven heeft voor en in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
De ‘multiprobleemjongeren’ vertrouwen de overheid niet. De protesterende burgers weten niet of ze de overheid kunnen vertrouwen. Burgemeester Hoes zal nu moeten bewijzen, dat de overheid betrouwbaar is. Hij heeft A geroepen en zal nu B moeten waarmaken wat hij aangekondigd heeft. Of die spierballentaal daarbij helpt zal moeten blijken. Ik zou liever wat krachtige woorden over de heer Zalm van ABN-AMRO gehoord hebben die, na eerst met onze belastingcenten overeind te zijn gehouden, nu weer een miljard winst maakt en prompt 2350 mensen de straat op zet. Daar zullen misschien wel weer wat toekomstige ‘multiprobleemjongeren’ bij zijn.
Saturday, 7 February 2009
Luisteren en vertrouwen
In ziekenhuizen is er nogal eens onenigheid tussen artsen en verplegend personeel. Ze hebben – vooral achter elkaars rug – geen hoge pet op van elkaar. Nog niet zo lang geleden sprak ik met een verpleegkundige uit Iran, die al zestien jaar in Nederland woont en werkt. Ik vroeg haar wat haar als belangrijkste verschil tussen de twee culturen opgevallen was. Ze antwoordde, dat in het Iranese ziekenhuis waar ze werkte de artsen de verpleegkundige medewerkers als hun ogen en oren beschouwden. Artsen vroegen verpleegkundigen voortdurend naar hun mening. Eigenlijk helemaal niet zo gek als je bedenkt dat de verpleegkundigen veel meer contact met patiënten hebben dan de artsen. Haar ervaring met Nederlandse artsen was tegengesteld. Die luisteren niet en hechten geen waarde aan de mening van verpleegkundigen. Eigen initiatieven worden niet op prijs gesteld. De KNMG, koepelorganisatie van artsen, onderschrijft het probleem. Uit onderzoek is gebleken dat Nederlandse artsen geen goede luisteraars zijn. Ze onderbreken hun patiënten gemiddeld na 16 seconden al voor de eerste keer. Verpleegkundigen en patiënten zitten in hetzelfde schuitje. Er wordt niet naar hen geluisterd. De meeste klachten in ziekenhuizen gaan over bejegening. Slechte communicatie. Ontbrekend vertrouwen. Onvoldoende gebruik maken van elkaars kwaliteiten, kennis en vaardigheden. Het meest fnuikend is misschien nog wel dat artsen onvoldoende aangesproken worden op hun gedrag. Middeleeuwse managementpraktijken zijn in ziekenhuizen nog aan de orde van de dag. Daardoor ontstaat betrokken apathie bij veel medewerkers. Die zijn zeer betrokken bij hun patiënten en steken hun middelvinger op naar de ziekenhuisorganisatie. Weinig wij-gevoel, te weinig trots of fierheid, zoals de Belgen zo mooi zeggen, zijn het gevolg. Veel negatieve energie. Maar gelukkig worden de meeste patiënten toch nog beter.
Labels:
communicatie,
luisteren,
vertrouwen
Subscribe to:
Posts (Atom)