Wednesday, 21 December 2011

De stem des volks

Onbehagen onder de bevolking wordt veroorzaakt door onbegrip van het politieke establishment . Dat is de stelling van Laurence Stassen, de fractievoorzitter van de PVV in Provinciale Staten van Limburg. Ze reageert daarmee op Frans Pollux, wiens stelling dat het onbehagen niet al te serieus moet worden genomen omdat we het nog nooit zo goed gehad hebben als nu ze neersabelt als hooghartig, onverstandig en volstrekt verwerpelijk.

Stassen heeft zeker een punt als ze constateert dat veel mensen van mening zijn dat de politiek kaste zich te ver van de maatschappelijke werkelijkheid verwijderd heeft en het vermogen om te luisteren, toch een van de essentiële pijlers onder communicatie, verloren heeft. Dat probleem verdient echter nog wel wat definiëring om met Stassens woorden te spreken. Pollux heeft evenzeer een punt waar hij het onbehagen relativeert omdat mensen, en vooral Limburgers, vrij snel zeuren en minder snel de neiging hebben in eerste instantie naar zichzelf te kijken. Het is geriefelijker om de schuld van je eigen onbehagen bij de ander te leggen.

Als de PVV verweten wordt dat ze populistisch is, dan heeft dat niet zozeer van doen met het feit dat ze de ontbrekende luistervaardigheid van politici aan de kaak stelt, maar veeleer en veel meer met het feit dat ze luisteren naar gelijk stelt aan instemmen met. Het volk bestaat uit heel veel verschillende stammen , stemmen en belangen, die in een democratie door gekozen politici vertegenwoordigd worden. Bestuurders horen in een representatieve democratie te luisteren naar de vertegenwoordigers van het volk, te wikken, te wegen en vervolgens te doen wat ze – alles overwegende – het beste achten. In het algemeen belang. Besturen is de kunst van het vinden van de gulden middenweg, waar politiek de kunst is van het goed verwoorden van de afzonderlijke belangen en daaruit voortvloeiende standpunten. Zo verwoordt de PVV de stem van Henk en Ingrid, die haar groot gemaakt hebben omdat ze van mening zijn dat andere politieke partijen die stem niet goed verwoord hebben, hun problemen weggewuifd of gebagatelliseerd hebben.

Misschien is het echte probleem wel dat het openbaar bestuur te zeer gepolitiseerd is, dat bestuurders geen leiders, staatsmannen of –vrouwen meer zijn maar exponenten van deelbelangen. Politici zijn teveel bestuurders en bestuurders teveel politicus geworden. Vrijwel alle politieke partijen willen zo groot mogelijk worden en vertellen een kleurloos verhaal waar iedereen en dus niemand zich echt in herkend. Als DE stem van HET volk zou bestaan, hadden we geen behoefte meer aan gekozen vertegenwoordigers , waarvan Stassen er een is. Het onbehagen is vooral een gevolg van verdwenen vertrouwen in het bestuur, dat op één hoop gegooid wordt met de politiek. De mensen vertrouwen er niet meer op dat hun belang meegenomen en meegewogen is bij de uiteindelijke beslissing. Politici en bestuurders zijn baantjesjagers, die het vooral goed met zichzelf voor hebben.

Ik vergelijk het geheel wel eens met een gezin. De ouder(s) is/zijn de regering, de kinderen de politieke partijen. De kinderen moeten erop vertrouwen dat de regering, met het oog op hun toekomst, de goede besluiten neemt, terwijl ze zelf hun korte termijn belang duidelijk verwoord hebben en toch niet altijd hun zin krijgen. Glad ijs, ik weet het. Het volk gelijk stellen aan kinderen zal al gauw uitgelegd worden als ze voor dom verslijten en niet serieus nemen. Het zij zo. Stem dan maar PVV, dan krijg je op korte termijn ogenschijnlijk je zin en op lange(re) termijn oorlog.

Tuesday, 20 December 2011

De RK Kerk en het Openbaar Ministerie

‘Ieder huisje heeft zijn kruisje’, placht mijn moeder te zeggen. Vrij vertaald betekende dat, dat er overal wel iets is. Deetman heeft kunnen onderzoeken, dat er in ieder geval binnen de Katholieke Kerk tussen 1940 en 1985 iets was. Net als iedere andere organisatie heeft ook de RK Kerk getracht die vuile was zoveel mogelijk binnenskamers te houden. Zo bijzonder is dat mijns inziens niet en het doet niets af aan het feit dat er misdrijven gepleegd zijn, die – in enkele zeldzame gevallen - bestraft zijn en – in waarschijnlijk zeer veel meer gevallen – bestraft hadden moeten worden. De verantwoordelijken, met name de bisschoppen en misschien binnenkort ook de hoogste baas, worden uitgenodigd, nee opgeroepen, af te treden. Weggaan is de vorm van verantwoordelijkheid nemen die het meest populair geworden is.

Het nieuws ter zake volgend kwam de vraag bij me op hoeveel aangiften er in de door Deetman onderzochte periode bij de politie gedaan zijn en hoe die door justitie afgehandeld zijn. Op zoek naar gegevens daarover stootte ik op een rapportje dat Mr. Dr. D.W. Steenhuis, op verzoek van de Vaste Kamercommissie Justitie en Veiligheid en in opdracht van de heren Opstelten en Teeven, in juni van dit jaar uitgebracht heeft onder de titel: ‘Nil Novum, een onderzoek naar de manier waarop het Openbaar Ministerie is omgegaan met zedenzaken tegen Rooms - Katholieke geestelijken’. Ik kan mij niet herinneren dat het veel ophef veroorzaakt heeft. Steenhuis wilde de periode 1980 – 2010 onderzoeken, maar kwam al snel tot de conclusie , dat het onmogelijk was een gedegen onderzoek uit te voeren en beperkte zich toen maar tot de jaren tachtig. Je zou kunnen stellen dat Deetman in de archieven van de RK Kerk meer geluk gehad heeft dan Steenhuis in die van het OM. Uit gesprekken met direct betrokkenen is Steenhuis voorts niet gebleken van afspraken tussen de RK Kerk en het OM inzake een sepotbeleid en dus wordt de conclusie getrokken dat die er kennelijk ook niet waren. Joep Dohmen, zo vermeldt Steenhuis nog wel, heeft daarover in zijn boek ‘Vrome Zondaars’ , dat in september 2010 verschenen is, de nodige twijfels aangemeld. Die konden echter wegens gebrek aan bewijs niet verder onderbouwd worden, mede omdat bij het OM veel archiefstukken vernietigd zijn. Over de periode die Deetman onderzocht heeft merkt Steenhuis op, dat niet uitgesloten kan worden dat er in de voor – voor- Gonsalvestijd wél afspraken zijn geweest, al kunnen de betrokkenen zich daarvan niks herinneren. ( Mr. R. Gonsalves was – dat terzijde - Procureur-Generaal van 1986 tot 1997 en is door de VPRO wel eens ‘de meester van de doofpot’ genoemd, naar aanleiding van zijn optreden bij de pacificatie van de Baliemvallei in Papoea Nieuw – Guinea). Nee, natuurlijk niet, want ook bij het OM houden ze de vuile was graag binnen. Het rapportje gaat er verder vanuit dat er maar weinig aangiften gedaan zullen zijn. De RK Kerk was machtig, veel mensen waren ervan afhankelijk en dus werd er gezwegen. Wat mij betreft is in ieder geval de schijn gewekt, zoals dat tegenwoordig ook zo mooi heet als je eigenlijk niks weet, dat het OM zijn zaakjes niet op orde heeft. Ik heb nog niemand om het aftreden van Opstelten en Teeven horen roepen. Dat wordt nu toch wel tijd!

Toch blijf ik nieuwsgierig. Ik overweeg een meldpunt op te richten voor alle slachtoffers van de dienaren der RK Kerk. Daar kan gemeld worden of er ooit aangifte gedaan is en hoe daarmee door politie en het Openbaar Ministerie omgegaan is. Mogelijk dat er aldus toch wat feitenmateriaal op tafel komt. Ik acht niet uitgesloten, dat de scheiding tussen Kerk en Staat in Nederland tussen 1940 en 1985 nog niet geheel voltooid was.

Monday, 19 December 2011

De antisemitisme top tien

Het Simon Wiesenthal Center (SWC) in de Verenigde Staten heeft verleden week de jaarlijkse top tien van antisemieten gepubliceerd. Bovenaan de lijst prijkt Mahmoud Abbas, gematigd leider van de Palestijnse autoriteit, die zelf als dertienjarige in 1948 huis en haard verloor als gevolg van de bezetting van het Britse mandaatgebied Palestina door Israëlische troepen. Lars von Trier, Deens filmregisseur, staat ook op de lijst. Hij grapte tijdens het filmfestival in Cannes , dat hij liever van Joodse afkomst zou zijn geweest dan van Duitse, maar dat hij Hitler, die overigens een slecht mens was, wel een beetje kon begrijpen omdat Israel zo nu en dan een behoorlijke pain in the ass is. Er is kennelijk niet veel nodig om op die lijst van het SWC te belanden. Zelfs een gemeenteraadslid van die Linke uit Duisburg heeft het gehaald. Hermann Dierkes valt die twijfelachtige eer te beurt omdat er een antisemitisch pamflet stond op een aan de website van zijn partij gelinkte pagina van de jongerenbeweging Solid. In een open brief van 5 mei 2011 heeft Dierkes de feiten precies uit de doeken gedaan maar dat mocht niet baten. Overigens vindt hij Israel wel een imperialistisch apartheidsland. Voor mij is de meest opmerkelijke naam op de SWC – lijst die van de Griekse verzetsheld Mikis Theodorakis. Hij heeft zelf tijdens de oorlog in Italië en Duitsland in het gevang gezeten en de prachtige Mauthausen trilogie op teksten van Lacovos Kambenellis gecomponeerd. Mikis heeft zich kritisch uitgelaten over het Zionisme en de oorlogsmisdaden van Israel in Libanon en Gaza. Als door een wesp gestoken reageerde het SWC en riep op deze zelfbenoemde racist de hem in 2005 toegekende UNESCO muziekprijs af te nemen, omdat hij niet langer een voorbeeld is voor de jongere generaties.

Een zekere mate van paranoia kan het SWC niet ontzegd worden. Bij dialoog hebben ze geen belang. Kritiek op de Israëlische bezettingspolitiek staat gelijk aan antisemitisme. Ik mag de 620 kilometer lange apartheidsmuur, de Westoeverbarrière , niet vergelijken met de 167,8 kilometer lange Berlijnse muur, maar doe dat toch maar even. Ondanks een veroordeling door het Internationaal Gerechtshof in Den Haag en kritische opmerkingen van het Internationale Rode Kruis, Amnesty International en Human Right Watch, wordt er aan deze schending van het internationaal recht niets gedaan. Het blijft bij mooie woorden zonder consequenties. Voor mij blijft Mikis Theodorakis een voorbeeld om na te volgen.

Gelukkig is het nog 2011. Ik kan dit derhalve allemaal risicoloos opschrijven , want de plaatsen in de antisemitisme top tien van dit jaar zijn al vergeven. Aan de andere kant vind ik het ook wel weer jammer, want ik had op die lijst graag in het gezelschap van Theodorakis verkeerd. Verbazingwekkend vind ik het tenslotte, dat Umberto Eco met zijn ‘De begraafplaats van Praag’ de top tien niet gehaald heeft. Met de intelligentie die het SWC tentoonspreidt had ik dat toch wel verwacht. Eco heeft immers met zijn boek de vierentwintig Protocollen van de Wijzen van Zion maar weer eens onder de aandacht gebracht en daarmee het antisemitisme in de wereld nieuw leven ingeblazen, want de crisis waarin we nu verkeren is toch het gevolg van de wereldheerschappij die de Zionisten nastreven. Of niet soms?

Friday, 16 December 2011

Mensendieren en ritueel slachten

Mens en dier, de allereerste vraag die zich opdringt is die of dit onderscheid wel gemaakt kan worden? Zijn we niet allemaal dieren? Als aanhanger van de evolutietheorie meen ik dat dit inderdaad het geval is. Het dier mens heeft zich echter dusdanig doorontwikkeld, dat het nog maar weinig natuurlijke vijanden heeft, met uitzondering van de zich koppig tegen beheersing verzettende natuurelementen aarde, water, vuur en lucht zelf, en toppredator geworden is. Op grond van die zelf veroverde status hebben de mensendieren een superioriteitsgevoel ontwikkeld. Ze kunnen denken en discussiëren over de vraag of het geoorloofd is dieren te gebruiken voor het redden van mensenlevens, bij voorbeeld in de medische wetenschap en ook als voeding. De collega-dieren voeren die discussie niet. Als ze de kans krijgen gebruiken ze het mensendier, voor zover bekend niet voor wetenschappelijke experimenten, maar gewoon als voedingsbron. Er zijn nog wel jagers onder de mensendieren, maar de meeste zijn te lui om te jagen en hebben hun voormalige jachtobjecten inmiddels gedomesticeerd. Het gemak dient het mensendier, nietwaar?

De discussie over ritueel, onverdoofd slachten is in eerste instantie een symptoom van de verhouding van de mensendieren tot de natuur. Met hun gevoel van superioriteit hebben ze er afstand van genomen, zich erboven geplaatst. Ze denken de natuur te beheersen, naar hun hand te kunnen zetten. In de dierenwereld bestaan geen mensenrechten, in de mensendierenwereld inmiddels wel dierenrechten. De natuur geeft mensen geen rechten. De rechten van mensen zijn rechten die de mensendieren verworven menen te hebben. Veroverde en verworven rechten, daar houden mensendieren van. Godsdienstvrijheid is ook zo’n verworven recht. Dierenrechten zijn geen veroverde rechten. Ze zijn een geschenk van het superieure mensendier aan de onderworpen collegae. Die hoefden daar niet eens om te vragen.

We moeten vaststellen dat er mensendieren zijn die zich schamen voor de verworven positie van toppredator. De overige dieren kennen dat schaamtegevoel niet. Schaamte is cultuur en heeft met schuld te maken. En schuld is in sterke mate een religieus begrip. Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa. Het gekke in de discussie over de rituele slacht is dat nu juist de religieuze groeperingen zich niet schuldig voelen en de atheïsten wel. We kunnen wellicht voorzichtig concluderen dat religieuze mensen dichter bij de natuur staan dan niet-religieuze. Ze hebben er misschien een tikkeltje meer ontzag voor, terwijl de atheïsten meer van het wetenschappelijke vooruitgangsgeloof zijn. Die komen dan tot de conclusie dat wetenschappelijk onderzoek naar tot nu toe onmetelijk gevoel wenselijk is. Liefde, lijden,lust en lol. Begin het maar eens meetbaar te maken.

De dierenwereld kent geen godsdienstvrijheid en evenmin mensendieren- of dierenrechten. In die wereld wordt ook niet gediscussieerd over het spanningsveld tussen die twee. Van de natuur vervreemde mensendieren met veroverde rechten en een superioriteitsgevoel , vervuld van een daarmee samenhangend , in de loop der eeuwen erin geramd schaamtegevoel, schenken hun collega-dieren het recht op een mensendierwaardige dood. Het doet allemaal wat onnatuurlijk aan.

Thursday, 15 December 2011

De regelreflex

Een draaideurcrimineel jaagt in Luik vijf en misschien meer mensen de dood in en verwondt er meer dan honderdtwintig, gebruik makend van een Kalashnikov en wat handgranaten, verworven op de vrije markt. Verschrikkelijk natuurlijk. Vooral voor de direct betrokkenen. En ook voor de mensen die zich niet meer veilig voelen in hun stad. Bij ons Alphen aan de Rijn, Almelo.

Maar verschrikkelijk zijn ook de lieden die onmiddellijk menen te weten wie er allemaal gefaald hebben. De hoe – kan – het, hoe –is – het - mogelijk, het – kan – toch – niet – waar – zijn, dit – had – nooit – mogen – gebeuren, dit – is – onbegrijpelijk fanaten. De profeten van de risicoloze samenleving. Magistraten worden onthoofd. Politici, die altijd en voor alles verantwoordelijkheid dragen, stuiteren de regelreflex in. Ze beloven dat de regels aangescherpt zullen worden. Iedereen bij wie ooit in huis een niet geregistreerd wapen aangetroffen is, wordt voor de rest van zijn leven in verzekerde bewaring gesteld. Politieagenten in opleiding krijgen geen dienstwapen meer. Ik zeg het nog maar eens: ‘Hoed u voor de preventiestaat! ‘

Tragisch is, dat de aangescherpte regels niet degenen treffen waarvoor ze bedoeld zijn. Die trekken zich namelijk niets van regels aan die ze niet zelf opgesteld hebben. De regels raken slechts brave burgers die het ook zonder niet in hun hoofd zouden halen dood en verderf zaaiend over straat te gaan. De vrijheid van de goeden lijdt in toenemende mate onder de niet doeltreffende maatregelen gericht op de slechten. Daarom alleen al is aanscherping en opeenhoping van regels onzinnig, onnodig en niet meer dan incidenten- en symboolpolitiek. Daarenboven is het misleidend. Bewust en opzettelijk wordt de illusie gecreëerd dat het nooit meer zal gebeuren. Schijnzekerheid van de nachtwakersstaat. Blijf er maar vanuit gaan: Het kan elke dag weer gebeuren, het risico wordt nooit nul, hoeveel en welke regels er ook uitgevaardigd worden.

Als we nu eens alle regels afschaffen? Op hetzelfde moment wordt het onmogelijk je niet meer aan de regels te houden. De toenemende regeldruk vergroot de kans dat iemand de een of andere regel een keer zal overtreden. Zo criminaliseren we de samenleving. Met de beste bedoelingen, maar zoals bekend mag worden verondersteld gaan we juist daaraan ten onder. Als de regels weg zijn valt de schijnbescherming weg en moeten we weer zelf opletten. Een mooi voorbeeld daarvan is het woud aan verkeersborden. Haal ze allemaal weg en op slag schakelt iedere verkeersdeelnemer de automatische piloot uit. Rechts heeft voorrang zit er inmiddels toch wel in gebakken. Pleiten voor verantwoordelijk burgerschap betekent automatisch rigoureus kappen in het woud van regels en niet trappen in de valkuil van de regelreflex. Hoe moeilijk dat ook in de eerste opwinding is.

Veto’s en vertelsels

Eilandbewoners zijn en blijven een apart slag mensen. Dat geldt bij ons voor de bewoners van de Waddeneilanden en het geldt evenzeer voor de Britten, de Schotten en de Ieren. Soms lijkt het net alsof op een eiland alles net iets later gebeurd. Neem bijvoorbeeld de debatten in het Britse Lagerhuis. Een lust voor oog en oor. Niks ‘doe eens normaal man’, maar ‘right honourable gentleman’. Het klinkt als eeuwen geleden. Ik heb genoten van een debatje tussen Cameron en labourleider Miliband naar aanleiding van de Eurotop afgelopen week, waar Cameron zijn veto uitsprak over de plannen om de Euro te redden en de Europese Unie bijeen te houden. ‘Het was de keuze,’ aldus Cameron,’ tussen een slecht verdrag of geen verdrag. En dus was geen verdrag , een veto, de goede keuze.’ ‘Wat nou veto?’, opperde Miliband. ‘Voor zover ik het tot nog toe begrepen heb is er als je een veto uitspreekt geen verdrag, dan gaat het allemaal niet door. Maar ze gaan daar aan de overkant gewoon door, alleen zonder ons. Dat noem ik geen veto. Dat is een nederlaag. We zijn gewoon verslagen. We zitten in een isolement, dankzij deze ‘right honourable gentleman’. ‘ Het zal Cameron een zorg wezen. Hij weet dat de meeste eilandbewoners sinds mensenheugenis een pestpokkenhekel aan het vasteland hebben.

Mark Rutte had David Cameron in de trein nog zo beloofd alles op alles te zullen zetten om het de Britten mogelijk te maken binnen boord te blijven, maar het mocht niet baten. Kleine Mark had te weinig in de melk te brokkelen. Er werden teveel bevoegdheden overgedragen aan onder meer de Europese Centrale Bank. Dat kon Cameron in de City van Londen niet verkopen. Mark hield David nog voor, dat hij thuis toch gewoon kon vertellen dat zulks niet het geval was. ‘Ze snappen er toch niks van. Doe maar alsof het heel ingewikkeld is en je nu nog geen beslissing kunt nemen. Daarvoor moet je toch precies weten wat er in dat verdrag komt te staan en het duurt nog wel even voor dat uitgekristalliseerd is. Dat moet ik ze bij ons ook wijsmaken om een rustige kerst te hebben, ‘ probeerde hij nog. Maar Cameron was niet te vermurwen. Voor eilandbewoners gelden de wetten van het vasteland nu eenmaal niet. Ze staan liever op het menu dan dat ze aan tafel zitten, zou Lia van Bekhoven zeggen. Die rijden uit pure balorigheid in hun Morris Mini gewoon links en knallen dan frontaal op de rechts rijdende Europese spelersbus, zoals Tom Janssen het prachtig uitgebeeld heeft in zijn cartoon in Dagblad De Limburger. Over slachtoffers is nog niets bekend, maar de ravage is groot. In ieder geval is Nick Clegg, de Engelse Pechtold, er slecht aan toe. Hij zat naast Cameron in die mini en keek net even de andere kant op, toen Cameron op ramkoers ging.

Tuesday, 13 December 2011

Conjunctuur

Overbodig, nutteloos. Twee woorden die het dichtst bij hoe hij zich vandaag weer eens voelde kwamen. Op deze manier werd voor hem het leven steeds zinlozer. Althans op sombere momenten, zoals nu. Soms vroeg hij zich ook wel eens af waarom die zinloze gedachte van zinloosheid hem overviel. Moest het leven, zijn leven, zin hebben? Was de zin van het bestaan niet gewoon genieten van het leven? Van de kleine geneugten, van de zon of de sneeuw, van de liefde of de dwaasheid. De kunst van het genieten. Een van de gelukbepalende factoren in het leven van een mens. Maar net als tussen droom en daad, lag er ook tussen weten en doen een enorm diepe kloof. Soms weet hij de welhaast onoverbrugbaarheid van die gaping aan zijn opvoeding. ‘Doe maar normaal dan doe je gek genoeg’, placht zijn moeder te zeggen. Normaal. Wat viel er nog te genieten als alles normaal was? Moest je niet juist genieten van wat niet normaal was? Het was niet eens normaal dat hij er was. Niet meer dan een gelukstreffer was de oorzaak van zijn existentie. Niet normaal en daarom alleen al zou hij van de toevallige gelegenheid even op de aarde te verblijven moeten genieten. En dat wilde maar niet lukken. Het leven moest toch een functie hebben, in dienst staan van iets groots, hoogs. Onzin, wist hij ook wel, want hoeveel mensen kwamen en gingen niet onopgemerkt. Het wemelde van de waardeloze levens. Waarom zou het zijne dan iets moeten betekenen? Van zijn vijfentwintigste tot zijn vijfenvijftigste had hij bijna onafgebroken gewerkt en nu stond hij er ineens naast. Van alle kanten werd hem tegemoet geschreeuwd dat de pensioengerechtigde leeftijd omhoog moest, dat er langer doorgewerkt moest worden, dat de ervaring van ouderen niet voor de arbeidsmarkt verloren mocht gaan. Minister Kamp zei het net nog op de radio. Praatjes voor de vaak. Niemand stond op hem en zijn ervaring te wachten. Zelfs niet op een uur afstand. Maar was werken dan werkelijk het enige wat het leven zin gaf? Nee, de zin van het leven was het te leven. Het een vorm te geven die bij je paste . Hij moest vooral zijn zelfachting niet verliezen, maar precies dat stond op het punt van gebeuren. Hij was toenemend gaan twijfelen aan zijn capaciteiten. Het werd de allerhoogste tijd daarmee op te houden, wilde hij niet het risico lopen in een diepe depressie te vallen. De gedachte er maar een einde aan te maken besloop hem de laatste tijd vaker dan hem lief was. Het aantal zelfmoorden fluctueerde, hij had het onlangs nog een Belgische psychiater horen zeggen op TV, met de economische situatie, suïcide was conjunctureel. Hij meende dat volmondig te moeten bevestigen, omdat hij zich niet herinneren kon eerder aan deze plaag te hebben blootgestaan. Kon hij voor iemand nog iets betekenen of was hij niet meer dan een nutteloos organisme dat onnodig steeds schaarser wordende zuurstof en water verbruikte? Vervuld van deze zwartgalligheid, maakte hij zich op voor zijn wekelijks bezoek, op dinsdagochtend aan de markt. Hij moest ophouden met zeuren en lekker genieten van een stuk gebakken vis.