Wednesday, 28 March 2012

Zwartepieten over minuten helpt niet

Staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten van volksgezondheid laat weten dat zij niet degene is die de minutenregistratie in de zorg voorschrijft. Sterker nog, ze wil er zo snel mogelijk vanaf. Ze richt zelfs een meldpunt in voor instellingen en werknemers die er last van hebben. Daar word ik niet goed van. Het zal stormlopen, ware het niet dat die werknemers de minuten die ze nodig hebben voor de melding moeten verantwoorden. Vrije minuten offer je daar toch niet voor op als het hele land al jaren weet dat iedereen in de zorg, behalve de managers, al jaren over die minutenregistratie loopt te klagen. Als het ministerie het niet voorschrijft, wie dan wel? De zorgverzekeraars? De overheid gaat voor marktwerking in de zorg. Ze wil niet meer in de slag met de zorgverstrekkers over de al maar stijgende, schier onbeheersbare kosten. Dat moeten de zorgverzekeraars maar doen. Die hebben er immers een belang bij. Ze moeten winst maken en derhalve meer aan premies binnenkrijgen dan ze uitgeven aan de diensten die de zorgverstrekkers verlenen.

Zo zijn overheid, zorgverzekeraars en zorgverstrekkers al enig tijd met elkaar in de slag over tijd die geld is, maar niets zegt over de kwaliteit van de verleende zorg. Net zo min als al die kwaliteitssystemen, die alles doen behalve de kwaliteit van de zorg (waar)borgen. Wie worden de dupe van dit gedoe? Juist, de gebruikers.

De verstrekkers worden uitgeknepen door de verzekeraars en de overheid hoopt dat het daardoor allemaal goedkoper wordt. Dat is overigens niet het geval. De marktwerking in de zorg is dus mislukt. Beter ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald zou je dan verwachten. Stoppen met marktwerking in de zorg. Die sector leent zich daar niet voor. Daar waar de zorgmarkt ( nog) niet geliberaliseerd is bepaalt de Nederlandse Zorg Autoriteit (NZA) de tarieven. NZA en verzekeraars zijn voortdurend met elkaar in de slag om zorgmarkten te maken, waarbij het belang van de consument zogenaamd het uitgangspunt is. In de praktijk gaat het echter vooral om de belangen van de overheid en de zorgverzekeraars. Met name de NZA heeft de minutenregistratie in haar declaratievoorschriften opgenomen. Geen minutenverantwoording, geen geld!

Terwijl de zorgsector al tijden klaagt komt de staatssecretaris met een meldpunt waar gemeld kan worden wat al bekend is en beweert de NZA dat de sector in 2000 zelf om die minutenregistraties gevraagd heeft. Zo wordt de bal nu rondgespeeld en zal het er de komende tijd wel vooral om gaan de schuldige voor het invoeren te vinden en die vervolgens aan de schandpaal te nagelen. Het meldpunt van de staatssecretaris is volstrekt overbodig, de minutenregistraties en vele andere registraties dienen niet het doel de kwaliteit van de zorg te verbeteren, maar vergen wel veel tijd die beter aan het daadwerkelijk verlenen van zorg besteed zou kunnen worden. Afschaffen dus en wel zo snel mogelijk. Het positieve van een en ander is dat het ministerie in ieder geval wakker geworden is en te verwachten valt dat er op termijn iets zal veranderen. Echter geldt hier eerst zien en dan geloven, want voorlopig wordt er enkel gemeld en gepraat. Het wachten is op het moment dat de kloof tussen weten en doen overbrugd wordt!

Tuesday, 27 March 2012

Claim- en angstcultuur

Wie zijn neus schendt, schendt zijn aangezicht. In de Verenigde Staten heeft een 83-jarige vrouw een schadeclaim ingediend tegen Apple. Ze liep tegen een glazen voorgevel van een Applewinkel in New York en brak daarbij haar neus. Nu wil ze miljoenen dollars, omdat ze zich niet gerealiseerd heeft dat die voorgevel van glas was en omdat die moderne architectuur oude mensen in verwarring kan brengen. This is America, man. Hét voorbeeld van de onzinnige claimcultuur in Amerika is voor mij nog altijd de vrouw die na een wandeling in de regen met haar hondje besloot het beestje te drogen in haar magnetron. Dat overleefde het dier niet. De vrouw klaagde de magnetronfabrikant aan. In de gebruiksaanwijzing bleek niet te staan dat er geen levende have in het apparaat gedroogd mocht worden. Emotionele schade betalen dus! Zoals alles vanuit Amerika bij westenwind naar hier overwaait, waait ook de claimcultuur langzaam maar zeker over.

U kent wellicht nog wel dat reclamespotje van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) met Bram Moszkowicz , die tegen een tractor rijdt en van de boer te horen krijgt dat die plotseling artikel 6 : 162 lid 2 van het Burgerlijk wetboek in zijn nek voelt. Nederland wordt steeds slimmer! Letseladvocaten varen er wel bij. Ook ziekenhuizen worden er in toenemende mate mee geconfronteerd of vrezen dat. Fouten mogen niet meer gemaakt worden en als dat toch gebeurt is toegeven taboe. Vanuit Amerika is bekend, dat medisch specialisten er achter gesloten deuren met elkaar bespreken welke fouten er gemaakt zijn en wat ze ervan kunnen leren, zodat het in de toekomst niet weer voorkomt. Naar buiten toe wordt alles ontkend en onder het tapijt geveegd. Een eventuele klager moet in een ellenlange procedure maar zien te bewijzen dat er iets fout gegaan is.

Gelukkig is het hier nog niet zover als aan de andere kant van de oceaan, maar we schuiven wel langzaam op. Of we daar blij mee moeten zijn is een andere vraag. Ik denk het niet. We komen namelijk terecht in een angstcultuur. Overal waar mensen aan het werk zijn zullen fouten blijven voorkomen. Het is goed om dat in voorkomende gevallen openlijk toe te geven, verontschuldigingen daarvoor aan te bieden , waar mogelijk te proberen de gemaakte fout te herstellen en vooral lering te trekken uit het gebeurde. Veel mensen blijken hier in de dagelijkse praktijk namelijk al heel tevreden te zijn met het feit dat hun klachten serieus genomen worden. Ze zijn gelukkig nog niet uit op gigantische schadevergoedingen. Als we niet terecht willen komen in een cultuur, waarin bepaalde diensten gewoon niet meer geleverd worden, omdat de professional het risico van een fout te groot acht, moeten we ons verre houden van wat er zich op dat punt in het land van de ongekende mogelijkheden afspeelt. Deze mogelijkheid kunnen we beter aan ons voorbij laten gaan.

Monday, 26 March 2012

ObamaCare

Mag de overheid, de staat de burgers dwingen een verzekering af te sluiten? Heeft de staat het recht het koopgedrag van de burgers te reguleren? Het Amerikaanse Hooggerechtshof buigt zich deze week over die fundamentele vraag. Ter discussie staat Obama’s voornemen om voor alle Amerikanen een verplichte zorgverzekering in te voeren. De gemoederen zijn verhit. De tegenstanders wijzen op de fundamentele rechten van de mens. Het recht op leven, op vrijheid en op eigendom. Onvervreemdbare rechten. Het is niet mogelijk om daar afstand van te doen. Ze zijn prepolitiek, van God gegeven. Geen Europese toestanden in Amerika! Niks verplichte autoverzekering, AOW, rookverbod. Oprotten met dat paternalisme. In die opvatting is ook de verplichting om belasting te betalen een vorm van diefstal gepleegd door de overheid. De staat steelt een deel van het inkomen, dat ik met hard werken verdiend heb. Dat is moderne slavernij. Die opvatting grijpt terug op de door John Locke in zijn ‘State of Nature’ geformuleerde ‘Law of Nature’ en de daarop gebaseerde Onafhankelijkheidsverklaring van Thomas Jefferson. We kunnen onze natuurlijke rechten niet opgeven en die ook niet van anderen afpakken. Een willekeurige meerderheid kan niet bepalen wat ik met mijn inkomen moet doen. Dat bepaal ik zelf en dus regel ik zelf mijn beveiliging, mijn pensioen, mijn ziektekostenverzekering enzovoort. Dat is de lijn van veel conservatieve republikeinen in de Verenigde Staten.

Daartegenover staat de opvatting dat we met deze individuele, onvervreemdbare, natuurlijke rechten wel degelijk iets kunnen doen als we besluiten deel uit te gaan maken van een gemeenschap, als we een samenleving vormen, als we het bestaan van zoiets als gedeelde verantwoordelijkheid erkennen. Wanneer we bijvoorbeeld allemaal individueel moeten zorgen voor de handhaving van onze fundamentele rechten zijn we terug in het wilde westen. Eigenrichting viert dan hoogtij. Daarom roepen we politie en openbaar ministerie in het leven en betalen ze met een vrijwillige bijdrage ( belasting), die de overheid mag innen. Instemming is daarbij een fundamenteel punt. We stemmen ermee in dat de staat ons recht op leven, vrijheid en eigendom beschermt. De overheid kan daarbij niet arbitrair te werk gaan, er zijn regels ( wetten ) nodig. En tegelijkertijd wordt de rol van de overheid beperkt door onze onvervreemdbare, natuurlijke rechten. Er is een voortdurend spanningsveld rond de vraag hoever de overheid kan, mag gaan. In een democratie worden de regels door de meerderheid vastgesteld en is iedereen daaraan gebonden omdat hij of zij ervoor kiest deel uit te maken van die samenleving. Ook degenen die het er niet mee eens zijn moeten betalen, want het kan niet zo zijn dat ze niet betalen voor, maar wel profiteren van voorzieningen die de meerderheid in het leven geroepen heeft. En precies dat laatste is in de Verenigde Staten nu wel het geval. En daaraan willen de meeste democraten, onder leiding van Obama , in ieder geval voor wat betreft de gezondheidszorg, nu een einde maken.

Twee topadvocaten gaan deze week voor het Amerikaanse Hooggerechtshof met elkaar in debat over deze twee fundamenteel verschillende opvattingen. De argumentaties zijn op de websites van Donald Verrilli , de landsadvocaat, en Paul Clement, die de oppositie vertegenwoordigt, te volgen. Zelf hang ik de tweede aan en hoop dat het Hooggerechtshof ObamaCare toe zal staan.

Friday, 23 March 2012

De kracht van de klacht

De nationale ombudsman heeft gewaarschuwd. Het vertrouwen van burgers in de overheid staat onder druk. Het aantal klachten neemt hand over hand toe. Het eerste is geen nieuws. Het tweede is opmerkelijk en vraagt om verduidelijking. Nederlanders klagen eigenlijk altijd en bij voorkeur over de politiek. Maar de telefoon pakken of in de pen klimmen is iets anders dan klagen in de vrije ruimte. Als mensen die stap zetten, moet er echt iets aan de hand zijn. Over het algemeen geloven mensen niet dat officieel klagen helpt. Integendeel, meestal levert een dergelijke stap slechts een hoop gedonder op. De overheid heeft lang nog niet overal de attitude die een klacht ziet als een kans om het beter te doen. Klagers worden eerder als lastig ervaren en leveren een hoop extra werk op.

Nederland telt een dikke 16,5 miljoen inwoners. Daarvan is 76% ouder dan 20 jaar. Dat zijn er zo’n 12,5 miljoen. Verleden jaar kreeg de ombudsman 17.000 officiële klachten en 30.000 verontruste telefoontjes. Dat was evenveel als het jaar daarvoor. Zo’n 1.400 officiële klachten per maand. Dit jaar zijn het er 300 à 400 meer per maand. Dat zou derhalve aan het einde van dit jaar zo’n 21.000 klachten opleveren. Nog geen 2 promille. Bij zorgverzekeraar Ohra lag het aantal klachten verleden jaar op 7,2 promille. Daarvan werd meer dan 60% afgewezen. Van de zorg is bekend, dat mensen er nog terughoudender zijn met klagen dan in andere sectoren. Zeker als ze nog in het circuit zitten. De afhankelijkheid is immers groot.

Waarschijnlijk is het, in tegenstelling tot de gezondheidszorg, bij de overheid en uitvoeringsinstanties, zoals de belastingdienst en de uitkeringsinstanties, zo dat, naarmate mensen daarvan meer afhankelijk worden, het aantal klachten juist toeneemt. Terecht stelt de ombudsman de Pavlov - reactie van de overheid aan de kaak, die sterk de neiging heeft om op elk incident te reageren met een poging om de regelgeving nog verder dicht te timmeren. Daardoor is een schier ondoordringbaar woud van regels ontstaan, waar enkel specialisten nog de weg in vermogen te vinden. In de zorg wordt al jaren geklaagd over de onvoorstelbare bureaucratie. Tegen die neiging bestaat helaas onvoldoende maatschappelijk verzet, omdat degenen die erover zouden moeten klagen juist weer afhankelijk zijn van diezelfde overheid. Het blijft dus ook hier overwegend bij klagen in de vrije ruimte. Er is nauwelijks sprake van georganiseerd verzet. Eerder van een hoge mate van moedeloosheid.

Ik durf de stelling wel aan, dat de officiële gegevens over klachten waarover we kunnen beschikken slechts het topje van een ijsberg zijn. Er is veel onderdrukt gemompel en weinig strijd met open vizier. We zouden onszelf een groot plezier doen als we aan de ene kant zeggen wat we op onze lever hebben en aan de andere kant luisteren naar wat er gezegd wordt om daarmee vervolgens ons voordeel te doen. Als mensen bang zijn om echt te klagen holt de kwaliteit van de samenleving achteruit.

Nomofobie is volksziekte nummer 1 en kijk uit voor de twitterduim!

Nomofobie. Geen-mobiele- telefoon-fobie. No-mobile-phone-phobia. Nomophobia. Ik had er nog niet van gehoord. Er zijn weer wat zogenaamde wetenschappers die een onderzoek gedaan hebben. Dit keer in Groot-Brittannië. Uit een on - line steekproef van 1000 mensen bleek dat 66 % van de gebruikers van een mobiele telefoon last heeft van paniekaanvallen als ze niet in de buurt van dat ding zijn of het niet kunnen vinden. Vier jaar geleden was dat 11% minder. Naast de vele voordelen die de mogelijkheid van mobiel telefoneren met zich mee brengt, worden we , als we deze wetenschappers moeten geloven, tegelijkertijd bijna allemaal rijp voor de psychiater. In de groep 18 tot 24 jarigen is het percentage nomofobielijders zelfs 77. Gevoelens van verveling, eenzaamheid en onveiligheid maken ons, als de Handy niet in de buurt is, knettergek. De mobiele telefoon is niet zo maar een gebruiksvoorwerp, nee, het is een verlengstuk van ons lichaam geworden, een nieuw zintuig. Ongeveer 45% van de bevolking van India blijkt inmiddels nomofobisch. Wie zijn mobiele telefoon meer dan drie uur per dag gebruikt loopt een verhoogd risico. We worden niet alleen gek , maar krijgen ook steeds meer nek- en schouderklachten door het gebruik van de mobiele telefoon. En dat is nog niet alles. Na de muisarm doet nu ook de twitterduim zijn intrede in de medische wereld, ten gevolge van het veelvuldig twitteren en sms’en.

Ik heb even wat cijfers opgezocht. Op de wereldbevolking van iets meer dan 7 miljard mensen circuleren 5,6 miljard mobiele telefoons. In het Verenigd Koninkrijk wonen ruim 61 miljoen mensen en er zijn meer dan 75 miljoen mobiele telefoons in omloop. In India zijn er 900 miljoen mobieltjes op 1,2 miljard inwoners. Bij ons zijn er 20 miljoen mobieltjes op ruim 16 miljoen inwoners. Wij hebben derhalve ongeveer 10.890.000(!) nomofobielijders.

Ik ben geen statisticus. Toch betwijfel ik intuïtief de geldigheid van de onderzoeksresultaten. Daniel Kahneman beschrijft in zijn boek ‘Ons feilbare denken’ dat er aanzienlijke beperkingen zijn in ons vermogen om kleine risico’s in te schatten. Ofwel we negeren ze ofwel we blazen ze tot onnoemelijke proporties op. En er is geen tussenweg. Hij maakt eveneens melding van het feit dat steekproefvariabiliteit voor een onderzoeker geen liefhebberij , maar een duur en lastig obstakel is, dat elk onderzoeksobject in een gok kan veranderen. Onderzoekers die een te kleine steekproef gebruiken geven zich over aan het toeval. Als het aan mij ligt hoeft u zich derhalve vooralsnog geen zorgen te maken en kan dit nieuws opgeborgen worden in de categorie wetenschappelijke ONZIN, wat overigens niet wil zeggen dat er geen mensen zijn die aan nomofobie lijden.

Wednesday, 21 March 2012

Synthetische biologie lost problemen van ontgroening en vergrijzing op!

Interessant! De beoefenaren van de synthetische biologie hebben het kunstje dat God in het paradijs uithaalde eindelijk ontrafeld. Natuurlijk hebben deze wetenschappers nooit geloofd dat God dat kunstje geflikt had. Leven is op een andere manier ontstaan. Je koppelt wat stukjes DNA aan elkaar tot een gen en vervolgens combineer je een aantal genen, dat samen alle erfelijke eigenschappen die nodig zijn bevatten, aan elkaar en je hebt een genoom. Leven is niet meer dan een minimaal genoom dat een biologische systeem draaiend houdt. Zo kunnen ze in het laboratorium nieuw leven maken. Al lang uitgestorven diersoorten kunnen weer tot leven gewekt worden. De mens kan voorzien worden van een verbeterd hart en als hij harder zou willen lopen, dan kan dat ook geregeld worden. Naar verwachting zijn er over een tiental jaren robots met hersenen, die eruit zien als mensen en die zich voelen als mensen. Wat is dan nog het verschil met ons? Valt ons dat nog op? Of krijgen we voorlopig gewoon twee verschillende soorten mensen? De ene soort verwekt op de bij de meeste mensen thans bekende manieren, de andere in elkaar geknutseld in een laboratorium zonder zaad- en eicellen maar door simpele DNA - synthese. Op termijn sterft de eerste soort uit of wordt geleidelijk in de tweede soort omgezet. Klonen, meer van hetzelfde maken, konden we sinds Dolly (1996) al. Een Amerikaan is nu weer van plan om ijsbeer Knut te klonen, zodat we binnenkort allemaal weer naar de dierentuin in Berlijn kunnen om het zielige, door zijn moeder verstoten jong, te bewonderen. Heftige maatschappelijke discussies. Is klonen wenselijk, ethisch aanvaardbaar,moreel verantwoord? Wat als een of andere idioot besluit een heel bataljon Breiviks te creëren? Nu kunnen we een nog stap verder zetten. Niet alleen meer van hetzelfde, maar ook nieuwe combinaties. Het geslacht, de lichaamsbouw, de vorm van neus, oren, borsten, achterwerk, de kleur van de ogen, u zegt het maar. Ziek worden ze ook niet meer en als er toch iets stuk gaat zetten we er gewoon een nieuw gentje in. Eeuwig leven wordt mogelijk. Op de kosten voor gezondheidszorg kan gigantisch bespaard worden. Ideaal ook voor de bevolkingsplanning. Geslachtsverkeer, IVF en draagmoeders, het kan allemaal verboden worden. De ontgroening is geen probleem meer, want wat ons nu nog ontvalt kan straks, buiten de baarmoeder , in het lab aangevuld worden met de gewenste hoeveelheid en soort. Als ouders in het rijke westen nu niet meer voor de nodige bevolkingsaanwas willen zorgen, dan wordt dat straks eenvoudigweg door de overheid geregeld, die geleidelijk het hele systeem van mensproductie gaat beheren. Tot we er genoeg hebben en dan stopt het verhaal en leven we eeuwig en gelukkig. Slechte tijden voor uitvaartverzekeraars en begrafenisondernemers breken aan. Wel goed voor de arbeidsparticipatie van de vrouw. Opvoeden hoeft namelijk niet meer, want alle narigheid wordt voorkomen door een goede gencombinatie. Alleen voeden is nog nodig. Mooie vooruitzichten of toch niet? De synthetische biologie kan het, maar willen we het ook?

Tuesday, 20 March 2012

A dirty mind is a joy forever ( Oscar Wilde )

Het rapport van de onderzoekscommissie bestaande uit mevrouw Sorgdrager en de heer Frissen over de handel en wandel van de Roermondse wethouder Jos van Rey is gisteren aan het college van Burgemeester en Wethouders, de gemeenteraad en de pers gepresenteerd. En iedereen haalt meteen zijn gelijk. De Limburger, omdat deze krant het altijd al goed gezien en geschreven heeft, hoewel de commissie stelt dat ze geen voorbeelden van bevoordeling van projectontwikkelaar Van Pol heeft kunnen vinden en de gemeente niet benadeeld is door de vriendschap van Van Pol met Van Rey. De burgemeester omdat de bewering van de krant, dat Van Rey zich bij de ontwikkeling van het Kazernevoorterrein, Jazz City en het Arresthuis schuldig gemaakt zou hebben aan regelrechte belangenverstrengeling, niet gestoeld is op feiten. Van Rey omdat de commissie stelt dat hij voortdurend naar de letter en de geest van de gedragscode geopereerd heeft. Iedereen weet dat schijn bedriegt en de commissie stelt vast dat ook de schijn van deze belangenverstrengeling heeft bedrogen. Het ontstane beeld stemt niet overeen met de werkelijkheid. Maar hij was er wel, die schijn, en hij had niet gewekt mogen worden. De gemeenteraad moet op 5 april nog politieke conclusies aan het rapport verbinden. Feitelijk is er dus niets aan de hand. Maar de gezamenlijke bezoeken aan internationale vastgoedbeurzen en het niet betalen voor het gebruik van een vakantiehuisje zijn minder fraai maar, zo stelt de commissie, van beperkte politieke betekenis. Daar zou de gemeenteraad anders over kunnen denken. Maar die gemeenteraad heeft zitten slapen. Ze hadden het allemaal kunnen weten, als ze de integriteitsmeldingen van Van Rey opgevraagd hadden, zoals Van Rey zelf dat jaren gedaan heeft bij de leden van het college van Gedeputeerde Staten, toen hij nog lid was van provinciale staten. En omdat ze dat niet gedaan hebben acht Van Rey zichzelf onschuldig. Dat is misschien een beetje kort door de bocht. Aan de ene kant is in onze rechtsstaat niemand verplicht zichzelf aan te geven of te beschuldigen. Aan de andere kant betekent het feit dat iemand tegen zijn vrienden zegt dat hij iets gedaan heeft wat misschien niet mag en dat daar verder geen haan naar kraait noch enige actie op volgt nog niet dat hij daarom per definitie onschuldig is. De conclusie is misschien wel dat de krant te hoog van de toren geblazen heeft, Van Rey – en dat geeft hij zelf ook als leermoment aan – opener in de richting van de gemeenteraad had kunnen communiceren, zijn collega wethouders en de burgemeester kritischer hadden kunnen zijn en de gemeenteraad wakkerder. En dan nog zal het moeilijk blijven om het wekken van schijn te voorkomen, want wie kwaad wil denken kan dat altijd. A dirty mind is immers a joy forever. Ik ben geen aanhanger van Van Rey, het is geen lekker jongetje, maar dat wil nog niet zeggen dat hij een boef is. Wij kunnen in ons land niemand veroordelen omdat het erop lijkt dat hij iets gedaan heeft wat hij feitelijk niet gedaan heeft. De feiten spreken, kennelijk ook volgens de commissie, in het voordeel van Van Rey. De schijn kan wat mij betreft de prullenbak in.